Twee jaar geleden kocht ik deel 1, 3 en 4 van deze serie op een kofferbakmarkt. Omdat de delen - zoals uitgevers altijd zo mooi formuleren - elk een zelfstandig geheel vormen, dat afzonderlijk kan worden gelezen, heb ik dat destijds dus ook gedaan. Maar vorige week wist ik ook deel 2 voor een prikje te scoren en zo ben ik dan nu toch compleet. Bovendien heb ik inmiddels deel 1 in de Borrebach variant weten te scoren. De serie is ouder dan ik in eerste instantie dacht. Uit eind vijftig, begin zestig.
Mieke wordt Miek dus. Er zijn een paar jaar verstreken in huize Hogenbirk, maar verder is er nog niet veel veranderd. Vader heeft zijn werk, buurman Leo is nog steeds enkel een goede vriend van Mieke en Mieke zelf zorgt nog aldoor voor haar jongere broers en zussen.
Broer Remco verbreekt zijn relatie met Topsy, de meid met de mondaine make up, die in het eerste deel nog ter sprake kwam.Topsy blijkt er een ander op na te houden. Een ontdekking die Remco ziek van verdriet maakt. Maar gelukkig is Mieke er, om voor hem te zorgen. En later in het verhaal krijgt Remco een relatie met Sylvia van Zevenaer, het zusje van Otto, dochter van de burgemeester. Wanneer papa Van Zevenaer er achter komt, sommeert hij Mieke op zijn kantoor te komen, waar hij haar beveelt, Sylvia niet meer te ontvangen. Ze is niet van hun stand, het moet over en uit zijn. Sylvia gaat naar het buitenland, maar zal Remco brieven blijven schrijven.
Broer Bas heeft zijn mulo diploma niet gehaald en moest ongediplomeerd van school af. Wanneer Mieke in de gaten krijgt, dat hij heel technisch is, weet ze haar vader er van te overtuigen, dat Bas toch weer naar school mag. De LTS en daarna de MTS, zo blijkt.
Zusjes Tonia en Emmy naderen hun eindexamen. Als tweeling beginnen ze steeds minder op elkaar te lijken. Was in het eerste deel Tonia nog de hulpvaardige en Emmy de dwarse wildebras, nu lijkt Tonia kapsones te gaan krijgen en is Emmy juist de zorgzame zus. Tonia wordt verliefd op haar leraar Engels, maar dit loopt op niets uit. Na haar diploma verhuist ze naar Amsterdam, om mannequin te worden. Emmy gaat ook naar Amsterdam. Ze gaat werken in het ziekenhuis. En nakomertje Karel gaat intussen gewoon naar school. Hij is toch iets minder achter dan in het eerste deel nog leek. Dankzij de inspanningen van Leo, zo blijkt.
Buren Trees en Jules Graafland gaan verhuizen. Terug naar Amsterdam. Trees, de zus van Leo, is in die jaren verworden tot een haastig, verwend en wispelturig type, die in het dorp waar ze terecht is gekomen, niet meer kan aarden. Het huis komt dus in de verkoop. Leo zou het graag kopen. Om te kunnen trouwen met Mieke. Maar Mieke heeft nog steeds haar huishouden, dat ze niet in de steek kan en wil laten. De andere kinderen hebben haar nog te hard nodig en vader kan geen hulp betalen.
En dan komt tante Katy Graafland, als reddende engel. Zij wil de huishouding wel gaan besturen, zodat er getrouwd kan worden.
Mieke naait haar eigen trouwjurk, plus de jurken van Tonia en Emmy, die bruidsmeisjes zijn. Ze stelt zelf haar uitzet samen. Ze koopt meubels en bereidt de grote dag voor. Mieke heeft energie voor tien, want daarnaast doet ze ook nog altijd het huishouden. Tot ze zelf trouwt. En Kareltje mee naar het buurhuis neemt. Want die zou te veel zorg voor tante Katy zijn. Ten slotte noemt Leo Mieke op de allerlaatste pagina voor het eerst Miek, waarmee de titel wordt verklaard. Miek past bij de getrouwde vrouw, die ze nu is geworden. Op naar deel drie.
Zoek je iets?
Arja Peters (ps. van Chinny van Erven)
De Wildhof (serie)
De klas van Tina (serie)
Fietsclub 'Krap bij Kas' (serie)
Freddy Hagers (ps. van G. Betlem)
Goud-Elsje (serie)
Hans Borrebach (auteur)
Hans Borrebach (ill.)
Helen Taselaar
Herry Behrens (ill.)
Herson (is ps. van Herry Behrens; ill.)
Ik kan serie
Inge Neeleman (is pseud. van Helen Taselaar)
Jeugdhotel De Witte Hengst (serie)
Kluitman Jeugdserie
Manege Picadero (serie)
Max de Lange-Praamsma
Mien van 't Sant
Netty Koen-Conrad
Prisma boeken (serie)
Rie Reinderhoff (ill.)
Sanne van Havelte
Sneeuwbalserie
Uitgeverij De Eekhoorn
Uitgeverij West-Friesland
Witte Raven Jeugdpockets
Zonne-reeks
Zonnebloem serie
correspondentie
huishoudboeken
meisjesroman
uitgeverij Elsevier
uitgeverij Van Holkema en Warendorf
woninginrichting
Over mij
- Marieke
- Omdat oude boeken nog steeds leuk zijn om te lezen, maar omdat er meer is om over te schrijven. Sinds kort dus naast boeken ook oude spullen met een verhaal.
20 april 2013
16 april 2013
(Nieuwe) Prisma Huishoudencyclopedie
Eigenlijk is dit weer zo'n boekje waar ik er al een aantal van heb beschreven en waarvan ik er ook nog een aantal nog onbesproken in de kast heb staan. Wat dit leuk maakt, is dat ik er twee edities van bezit. De oorspronkelijke Prima Huishoudencyclopedie en de zeven jaar later verschenen Nieuwe Prisma huishoudencyclopedie. En hoewel de titel bijna identiek is, is de inhoud dat niet.
De oudste editie, die uit 1959, bestaat uit een aantal hoofdstukken, die weer nader zijn onderverdeeld in paragrafen en vervolgen, in een aantal gevallen, nog in subparagrafen. Over Eten. Over Kleding. Over de Woning. Over de Lichaamsverzorging. Waarna achtereenvolgens Het koken en de daarbij behorende technische middelen worden besproken. Kleding en het onderhoud daarvan. De vertrekken en hun inrichting. Tabel van lichaamsgewichten. Om te eindigen met Fornuizen en komforen. Een Textiel ABC. De vloer. Die nóg weer verder wordt onderverdeeld in gladde en vezelige
vloerbedekkingen.
De stof is overzichtelijk en schematisch ingedeeld, aldus het voorwoord, dat op de keerzijde van de kaft staat gedrukt. Dat mag inderdaad gezegd worden. Op de achterkant van de titelpagina staat een spreuk gedrukt: U heeft maar twee keer spijt wanneer u iets van goede kwaliteit koopt: wanneer u het betaalt en wanneer het versleten is.
Het boekje is samengesteld door een echtpaar. Hans Vollmar, en Cor. Vollmar-van Wijk. Hij studeerde tropische landbouw, zij landbouwhuishoudkunde. En samen wonen ze in Brazilië, waar hij nog andere boeken schreef en zij aan huishoudcursussen voor meisjes werkte.
De editie uit 1966 is enkel nog maar samengesteld door Hans Vollmar, die, aldus de achterflaptekst, in 1961 terugkeerde naar Nederland, om zijn carrière in het bouwwezen te verruilen voor eentje in het nieuwe vak van elektronische informatieverwerking. Zou hij daar nog boeken over gepubliceerd hebben? Ben best benieuwd naar de visie op de computer van vijftig jaar geleden. Maar goed, dat is een ander verhaal.
De Nieuwe Prisma huishoudencyclopedie was nodig, aangezien de inhoud ervan snel veranderd bleek, door de verbijsterend snelle ontwikkeling in de wereld om ons heen. Daar heeft ook iedere moderne vrouw hulp bij nodig, aldus de tekst op de keerzijde van de kaft. Al worden de delen Woning, Keuken, Kleding en textiel nog altijd heel traditioneel in paragrafen besproken. Dit maal niet alleen met bekende kost, maar ook met nieuwe onderwerpen. Elektrische bedverwarming is er zo een. Centrale verwarming, meerkamerverwarming en lokale verwarming ook.
De beide enyclopedieën laten zich leuk naast elkaar lezen. Om te zien hoe de samenleving in die tijd veranderde. De kaft zelf geeft het al heel duidelijk aan. Waar het in de jaren vijftig nog een ijverige huisvrouw was, daar is het tien jaar later een foto van elegant geklede dame met een dochtertje, die samen niet veel meer doen dan het hoognodige. De vrouw is geen sloof meer, maar iemand met plezier en waardering in het werk dat ze doet. En ze wordt er ook minder moe van. Vast dankzij die verbijsterd snelle veranderende wereld.
De oudste editie, die uit 1959, bestaat uit een aantal hoofdstukken, die weer nader zijn onderverdeeld in paragrafen en vervolgen, in een aantal gevallen, nog in subparagrafen. Over Eten. Over Kleding. Over de Woning. Over de Lichaamsverzorging. Waarna achtereenvolgens Het koken en de daarbij behorende technische middelen worden besproken. Kleding en het onderhoud daarvan. De vertrekken en hun inrichting. Tabel van lichaamsgewichten. Om te eindigen met Fornuizen en komforen. Een Textiel ABC. De vloer. Die nóg weer verder wordt onderverdeeld in gladde en vezelige
vloerbedekkingen.
De stof is overzichtelijk en schematisch ingedeeld, aldus het voorwoord, dat op de keerzijde van de kaft staat gedrukt. Dat mag inderdaad gezegd worden. Op de achterkant van de titelpagina staat een spreuk gedrukt: U heeft maar twee keer spijt wanneer u iets van goede kwaliteit koopt: wanneer u het betaalt en wanneer het versleten is.
Het boekje is samengesteld door een echtpaar. Hans Vollmar, en Cor. Vollmar-van Wijk. Hij studeerde tropische landbouw, zij landbouwhuishoudkunde. En samen wonen ze in Brazilië, waar hij nog andere boeken schreef en zij aan huishoudcursussen voor meisjes werkte.
De editie uit 1966 is enkel nog maar samengesteld door Hans Vollmar, die, aldus de achterflaptekst, in 1961 terugkeerde naar Nederland, om zijn carrière in het bouwwezen te verruilen voor eentje in het nieuwe vak van elektronische informatieverwerking. Zou hij daar nog boeken over gepubliceerd hebben? Ben best benieuwd naar de visie op de computer van vijftig jaar geleden. Maar goed, dat is een ander verhaal.
De Nieuwe Prisma huishoudencyclopedie was nodig, aangezien de inhoud ervan snel veranderd bleek, door de verbijsterend snelle ontwikkeling in de wereld om ons heen. Daar heeft ook iedere moderne vrouw hulp bij nodig, aldus de tekst op de keerzijde van de kaft. Al worden de delen Woning, Keuken, Kleding en textiel nog altijd heel traditioneel in paragrafen besproken. Dit maal niet alleen met bekende kost, maar ook met nieuwe onderwerpen. Elektrische bedverwarming is er zo een. Centrale verwarming, meerkamerverwarming en lokale verwarming ook.
De beide enyclopedieën laten zich leuk naast elkaar lezen. Om te zien hoe de samenleving in die tijd veranderde. De kaft zelf geeft het al heel duidelijk aan. Waar het in de jaren vijftig nog een ijverige huisvrouw was, daar is het tien jaar later een foto van elegant geklede dame met een dochtertje, die samen niet veel meer doen dan het hoognodige. De vrouw is geen sloof meer, maar iemand met plezier en waardering in het werk dat ze doet. En ze wordt er ook minder moe van. Vast dankzij die verbijsterd snelle veranderende wereld.
17 maart 2013
Buitelingen
Buitelingen, heet dit verhaal. Struikelingen was een betere titel geweest. Het had de lading prima gedekt. Want o, wat staan er veel onlogische verhaallijnen in dit boek. Blijkbaar heeft de schrijfster er na afloop van of tijdens het schrijven niet echt meer kritisch naar gekeken. En hebben de redacteuren bij West-Friesland dat ook verzuimd te doen.
Het verhaal gaat over Thea van Okkeren. Ze woont bij tante Suus in huis, die ze soms ook gewoon met Suus of zelfs met Susepuus aanspreekt. Getuigt van weinig ouderlijk gezag. Dat Thea's ouders bij een ongeluk om het leven zijn gekomen wordt pas - terloops - na een flink aantal pagina's verteld. Dat er niet veel andere familie is geweest, die Thea op kon vangen na de dood van haar ouders, ook. Het is erg onwaarschijnlijk dat het dan toch 'tante' Suus is geworden, kennelijk een zus van vader, aangezien ze ook Van Okkeren heet. Tante Suus is zelf nog maar net puber-af. Die had nooit de zorg voor een middelbare scholier toevertrouwd gekregen.
Suus is nog jong genoeg om zelf een vriend te krijgen. Dat wordt Karel van Lookeren, die dan als bij toeval ook de leraar wiskunde van Thea wordt. In welke klas Thea zit, wordt niet verteld. Dat er een leraar weg zou gaan, waardoor ze haar aanstaande stiefvader / oom voor de klas zou krijgen ook niet. Het wordt zo maar een nieuw hoofdstuk in het verhaal.
Thea sluit vriendschap met Tom van den Berg, die al bijna tweeëntwintig is, maar toch nog zijn eindexamen van de middelbare school moet doen. Daar zou hij dan tien jaar over hebben gedaan. Elke klas twee keer, of zoiets. Want gaandeweg wordt het duidelijk, dat het om de vijfjarige hbs gaat. Tom is een kei in exacte vakken als wiskunde, maar minder in de talen. Nadat hij zijn diploma heeft gekregen, vertrekt hij naar Amsterdam, om er op kantoor te gaan werken. En er de handelsavondschool te gaan doen, zo vertelt hij Thea.
Thea racet intussen door de rest van de hbs heen. Aan het begin van het verhaal is ze al zeventien, en, zo lijkt het, een leerlinge van de vierde klas. Dus moet ze ook al een keer zijn blijven zitten. De vriendschap met Tom blijft bestaan. Van een handelsavondschool blijkt al na een paar hoofdstukken geen sprake meer. Hij gaat Frans studeren, aan de universiteit. Blijkbaar is de schrijfster vergeten, dat hij daar eerder in het verhaal nog zo'n moeite mee had en dat ze hem dat letterlijk tegen Thea heeft laten zeggen. En daar blijft het niet bij.
Want helemaal aan het eind van het verhaal, als Suus met Karel gaat trouwen en Thea ook haar diploma heeft, blijkt Tom contact te hebben gehad met een zakenman uit de chemische industrie. Hij biedt Tom een baan aan, in Colombo. Maar hij mag zich eerst een half jaar inwerken in Brussel. En uiteraard is dat een uitgelezen gelegenheid om Thea een huwelijksaanzoek te doen, terwijl hij haar eigenlijk nog nooit zijn liefde heeft laten blijken.
Dan is er nog een klasgenoot van Thea, ene Mikkie Melk. Dat is geen bijnaam, zo heet de jongen in kwestie echt. Ook hij sluit vriendschap met Thea, maar dat is alleen maar om duidelijker aan te geven, dat Tom van den Berg toch echt een stuk beter is als echtgenoot.
Twee vastberaden jonge mensen, die problemen hebben beproefd en opgelost, zo eindigt het verhaal, problemen die samen voerden tot de weg naar het hoogste geluk.Tjonge. En dat voor een stel van, wat zal het zijn, nog geen twintig en drieëntwintig. Op naar Colombo, om Suus zwanger en getrouwd met Karel achter te laten en om daar een bestaan op te gaan bouwen als echtpaar waarvan de man na een baan op kantoor en een voornemen Frans te gaan studeren, toch maar voor een baan in de chemie kiest. De wereld was wonderlijk, vijftig jaar geleden, maar toch niet zo wonderlijk, als Erra van Apeldoorn 'm neerschreef. En vervolgens voorzag Hans Borrebach het boek ook nog van een omslag van een bevallige dame met een koe op de achtergrond. Wat schrikt ze toch charmant. Ze lijkt wel tien jaar ouder dan ze is.
Het verhaal gaat over Thea van Okkeren. Ze woont bij tante Suus in huis, die ze soms ook gewoon met Suus of zelfs met Susepuus aanspreekt. Getuigt van weinig ouderlijk gezag. Dat Thea's ouders bij een ongeluk om het leven zijn gekomen wordt pas - terloops - na een flink aantal pagina's verteld. Dat er niet veel andere familie is geweest, die Thea op kon vangen na de dood van haar ouders, ook. Het is erg onwaarschijnlijk dat het dan toch 'tante' Suus is geworden, kennelijk een zus van vader, aangezien ze ook Van Okkeren heet. Tante Suus is zelf nog maar net puber-af. Die had nooit de zorg voor een middelbare scholier toevertrouwd gekregen.
Suus is nog jong genoeg om zelf een vriend te krijgen. Dat wordt Karel van Lookeren, die dan als bij toeval ook de leraar wiskunde van Thea wordt. In welke klas Thea zit, wordt niet verteld. Dat er een leraar weg zou gaan, waardoor ze haar aanstaande stiefvader / oom voor de klas zou krijgen ook niet. Het wordt zo maar een nieuw hoofdstuk in het verhaal.
Thea sluit vriendschap met Tom van den Berg, die al bijna tweeëntwintig is, maar toch nog zijn eindexamen van de middelbare school moet doen. Daar zou hij dan tien jaar over hebben gedaan. Elke klas twee keer, of zoiets. Want gaandeweg wordt het duidelijk, dat het om de vijfjarige hbs gaat. Tom is een kei in exacte vakken als wiskunde, maar minder in de talen. Nadat hij zijn diploma heeft gekregen, vertrekt hij naar Amsterdam, om er op kantoor te gaan werken. En er de handelsavondschool te gaan doen, zo vertelt hij Thea.
Thea racet intussen door de rest van de hbs heen. Aan het begin van het verhaal is ze al zeventien, en, zo lijkt het, een leerlinge van de vierde klas. Dus moet ze ook al een keer zijn blijven zitten. De vriendschap met Tom blijft bestaan. Van een handelsavondschool blijkt al na een paar hoofdstukken geen sprake meer. Hij gaat Frans studeren, aan de universiteit. Blijkbaar is de schrijfster vergeten, dat hij daar eerder in het verhaal nog zo'n moeite mee had en dat ze hem dat letterlijk tegen Thea heeft laten zeggen. En daar blijft het niet bij.
Want helemaal aan het eind van het verhaal, als Suus met Karel gaat trouwen en Thea ook haar diploma heeft, blijkt Tom contact te hebben gehad met een zakenman uit de chemische industrie. Hij biedt Tom een baan aan, in Colombo. Maar hij mag zich eerst een half jaar inwerken in Brussel. En uiteraard is dat een uitgelezen gelegenheid om Thea een huwelijksaanzoek te doen, terwijl hij haar eigenlijk nog nooit zijn liefde heeft laten blijken.
Dan is er nog een klasgenoot van Thea, ene Mikkie Melk. Dat is geen bijnaam, zo heet de jongen in kwestie echt. Ook hij sluit vriendschap met Thea, maar dat is alleen maar om duidelijker aan te geven, dat Tom van den Berg toch echt een stuk beter is als echtgenoot.
Twee vastberaden jonge mensen, die problemen hebben beproefd en opgelost, zo eindigt het verhaal, problemen die samen voerden tot de weg naar het hoogste geluk.Tjonge. En dat voor een stel van, wat zal het zijn, nog geen twintig en drieëntwintig. Op naar Colombo, om Suus zwanger en getrouwd met Karel achter te laten en om daar een bestaan op te gaan bouwen als echtpaar waarvan de man na een baan op kantoor en een voornemen Frans te gaan studeren, toch maar voor een baan in de chemie kiest. De wereld was wonderlijk, vijftig jaar geleden, maar toch niet zo wonderlijk, als Erra van Apeldoorn 'm neerschreef. En vervolgens voorzag Hans Borrebach het boek ook nog van een omslag van een bevallige dame met een koe op de achtergrond. Wat schrikt ze toch charmant. Ze lijkt wel tien jaar ouder dan ze is.
10 maart 2013
The Heartbreakers breken door
Stichting Nederlandse Kinderjury 1990, staat er met een icoontje onder aan de keerzijde van de titelpagina. Bovenin staat: Van Helen Taselaar zijn in de SUKSESSERIE verschenen, waarna behalve dit deel ook het eerste deel van deze serie staat vermeld. Sukses, met k-s, inderdaad. Zo is de officiële spelling van succes volgens mij nooit geweest. Misschien een poging van Kluitman om de jeugd van toen mee aan te spreken.
Kluitman Suksesserie, zo staat op de achterkant te lezen, is bestemd voor de Leeftijd vanaf 10 jaar en is goud voor sukses. De Suksesserie, ook wel Kluitman Suksesserie, is een gedeeltelijke voortzetting van de Zonnebloemserie, aldus de catalogus van de Koninklijke bibliotheek. En bedoeld voor een wat jonger publiek dan de Jeugdserie, waarin het eerste deel van de Heartbreakers aanvankelijk was verschenen.
Dit tweede deel is dan ook inderdaad kinderlijker van opzet. Met niet alleen een tekening op de keerzijde, maar ook een aantal illustraties in het verhaal zelf. En een eenvoudiger verhaallijn. Het gaat eigenlijk verder waar het eerste deel ophoudt. De tweede single is hard op weg net zo'n grote hit te worden als de eerste. Het verhaal begint met het optreden op een landgoed waar gitarist Charlie kennismaakt met Stefan Leblanc, zoon van de heer des huizes. Pa is een filmmagnaat en zoon zit op de filmacademie. Leblanc is natuurlijk veel chiquer dan De Wit en bovendien heeft Helen Taselaar blijkbaar patent op Franse namen. Want de manager in deze serie heet Thierry Laforet, en diens huishoudster Dupont. Wat toch ook weer heel anders klinkt dan De Bos en Van de Brug.
Bill Huibregts, in het eerste deel alleen nog maar een oud medebandlid van Thierry, die zijn naam dan nog met i-j schrijft, ontpopt zich in dit deel als een gemene dief, die zijn zaakjes zelf opknapt. Daartoe opdracht geven zou veel logischer zijn voor een bekende Nederlander als hij, maar dat snappen meisjes vanaf tien jaar dan weer niet. Behalve dat hij steelt, richt hij ook nog een concurrerend meidenbandje op, dat net zo snel verdwijnt als het gekomen is.
Er is nog een opdringerige fan, die uiteindelijk toch een vriend van bandlid Dorith wordt en opnames voor hun elpee. We zitten al in de jaren negentig, intussen, misschien was het logischer geweest, dat ze een CD hadden opgenomen. De meisjes gaan op vakantie in Spanje, wat Helen Taselaar Miranda en Marloes en Terry - wiens naam dus weer heel erg op Thierry lijkt!- al eerder liet doen. Aan het eind van het verhaal wordt er zelfs nog even paard gereden, door Charlie en Stefan. Eveneens een kolfje naar de hand van Helen Taselaar.
Een popgroep, een landgoed, concurrentie, fanmail, beroemd zijn, vakantie in Spanje, paardrijden. Alles bij elkaar kan het de schrijfster nooit veel moeite hebben gekost, dit verhaal op papier te krijgen. Het zit barstensvol bekende ingrediënten, die ze zo uit de vele andere verhalen, die ze anno 1989 al had geschreven, moet hebben gehaald. Het zou dan ook niet bij deze twee delen blijven. In de Suksesserie verscheen nog een derde deel Heartbreakers. Daarin nemen ze een videoclip op. Ook al zo'n leuk tijdsbeeld. Wordt vervolgd, dus.
Kluitman Suksesserie, zo staat op de achterkant te lezen, is bestemd voor de Leeftijd vanaf 10 jaar en is goud voor sukses. De Suksesserie, ook wel Kluitman Suksesserie, is een gedeeltelijke voortzetting van de Zonnebloemserie, aldus de catalogus van de Koninklijke bibliotheek. En bedoeld voor een wat jonger publiek dan de Jeugdserie, waarin het eerste deel van de Heartbreakers aanvankelijk was verschenen.
Dit tweede deel is dan ook inderdaad kinderlijker van opzet. Met niet alleen een tekening op de keerzijde, maar ook een aantal illustraties in het verhaal zelf. En een eenvoudiger verhaallijn. Het gaat eigenlijk verder waar het eerste deel ophoudt. De tweede single is hard op weg net zo'n grote hit te worden als de eerste. Het verhaal begint met het optreden op een landgoed waar gitarist Charlie kennismaakt met Stefan Leblanc, zoon van de heer des huizes. Pa is een filmmagnaat en zoon zit op de filmacademie. Leblanc is natuurlijk veel chiquer dan De Wit en bovendien heeft Helen Taselaar blijkbaar patent op Franse namen. Want de manager in deze serie heet Thierry Laforet, en diens huishoudster Dupont. Wat toch ook weer heel anders klinkt dan De Bos en Van de Brug.
Bill Huibregts, in het eerste deel alleen nog maar een oud medebandlid van Thierry, die zijn naam dan nog met i-j schrijft, ontpopt zich in dit deel als een gemene dief, die zijn zaakjes zelf opknapt. Daartoe opdracht geven zou veel logischer zijn voor een bekende Nederlander als hij, maar dat snappen meisjes vanaf tien jaar dan weer niet. Behalve dat hij steelt, richt hij ook nog een concurrerend meidenbandje op, dat net zo snel verdwijnt als het gekomen is.
Er is nog een opdringerige fan, die uiteindelijk toch een vriend van bandlid Dorith wordt en opnames voor hun elpee. We zitten al in de jaren negentig, intussen, misschien was het logischer geweest, dat ze een CD hadden opgenomen. De meisjes gaan op vakantie in Spanje, wat Helen Taselaar Miranda en Marloes en Terry - wiens naam dus weer heel erg op Thierry lijkt!- al eerder liet doen. Aan het eind van het verhaal wordt er zelfs nog even paard gereden, door Charlie en Stefan. Eveneens een kolfje naar de hand van Helen Taselaar.
Een popgroep, een landgoed, concurrentie, fanmail, beroemd zijn, vakantie in Spanje, paardrijden. Alles bij elkaar kan het de schrijfster nooit veel moeite hebben gekost, dit verhaal op papier te krijgen. Het zit barstensvol bekende ingrediënten, die ze zo uit de vele andere verhalen, die ze anno 1989 al had geschreven, moet hebben gehaald. Het zou dan ook niet bij deze twee delen blijven. In de Suksesserie verscheen nog een derde deel Heartbreakers. Daarin nemen ze een videoclip op. Ook al zo'n leuk tijdsbeeld. Wordt vervolgd, dus.
05 maart 2013
Het tehuis bij de rotsen
Margreet Duynstee gaat zich, nadat haar verloving is verbroken, wijden aan de verzorging van verwaarloosde kinderen in Zuid-Engeland, zo begint de achterflaptekst. Zij heeft haar strijd te voeren tegen onwil, wanbegrip, arrogantie en vooroordeel, maar zij weet zich moedig te handhaven.
Dat klinkt als een soort Nederlandse kruising tussen Jane Eyre en Pride and Prejudice, was het eerste wat ik dacht, toen ik dat las. Dat bleef zo, ook toen ik begon te lezen. Het verhaal doet heel erg aan een Engelse roman uit de achttiende eeuw denken, ook al is het in werkelijkheid al halverwege de twintigste eeuw. Over de angstaanjagende hoge bergen en de zee, het zwarte Engelse landschap. Het weeshuis vol arme kindertjes, dat bestuurd wordt door een rijke lady. De dominee, die een belangrijke rol speelt. Het standsverschil tussen arm en rijk. De meiden met hun accent aan de ene kant, de landheren en hun echtgenotes aan de andere kant. Een jonge dokter, die moeilijk te benaderen is en die Margreet haat om zijn zelfingenomenheid. Haat, die overgaat in liefde, maar pas op het allerlaatste moment. Als in Mr. Darcy en Elisabeth Bennet.
Margreet en dokter Ranley, die samen een portrettengalerij van de rijke familie bewonderen. Dokter Ranley, die eigenlijk moet trouwen met de dochter van de lady. Hoe arme weeskindjes uiteindelijk toch geadopteerd kunnen worden. Hoe Margreet vriendschap sluit met de dienstmeid, maar zich ook in hogere kringen blijkt te kunnen verplaatsen.
Maar het is geen roman van Brontë of Austen, het is een pocket in de Witte Raven reeks van West-Friesland, en niet eens vertaald. Rona Lentinck voegt er daarom nog een Nederlandse adellijke verloving aan toe, die verbroken wordt Dat is de reden van het vertrek naar Engeland. Margreet wil breken met het verleden en dat kan ze alleen doen, door een totaal andere baan aan te nemen in het buitenland. Hoe ze daar aan is gekomen en waarom juist zijn die baan heeft gekregen, wordt niet duidelijk. Er is nog even een baantje geweest voor Heleen op een accountantskantoor.
Marleen heeft een zus in Nederland, die in het ouderlijk huis woont. Vader en moeder zijn dood. Heleen verlooft zich volgens afspraak met een voor haar uitgezochte rijke man, bij wie ze intrekt. Ze verkoopt het huis, zonder overleg. Margreet leest het als een feit in een brief. Ze zou er van onder de indruk zou moeten zijn. Maar dat doet er allemaal niet zo toe, in het verhaal. Het doet zelfs een beetje vreemd aan. Net als de komst van haar ex verloofde naar Engeland. Of dat bedoeld is om het allemaal een beetje Nederlandser te maken?
De binnenillustraties doen vreemd-modern aan. En ook het omslag klopt niet, met de inhoud.
Hans Borrebach tekende er een meisje in zomerse kleding, die bezig lijkt te zijn aan een klimpartij in de rotsen, met bovenin een jongeman. De werkelijkheid in het verhaal is minder romantisch. Het slaat op een scène, waarin Margreet op pad is met een weeskindje en ze ingesloten raken door de vloed. Het loopt allemaal maar net goed af. Of Jane of Elisabeth dat ook is overkomen, weet ik eigenlijk niet.
Toen ik het verhaal uit had, was ik er zelfs een beetje treurig van geworden. Het gevoel dat me ook altijd bekruipt, als ik zo'n Engelse roman gelezen heb. Ja, het loopt goed af, en ja, er wordt getrouwd, maar vrolijk is het allemaal niet. Eerder onheilspellend, waarbij de standsverschillen pijnlijk duidelijk zijn. En omdat je dat in Nederland al lang niet meer had, in de jaren vijftig, moest het zich wel in Engeland afspelen.
Dat klinkt als een soort Nederlandse kruising tussen Jane Eyre en Pride and Prejudice, was het eerste wat ik dacht, toen ik dat las. Dat bleef zo, ook toen ik begon te lezen. Het verhaal doet heel erg aan een Engelse roman uit de achttiende eeuw denken, ook al is het in werkelijkheid al halverwege de twintigste eeuw. Over de angstaanjagende hoge bergen en de zee, het zwarte Engelse landschap. Het weeshuis vol arme kindertjes, dat bestuurd wordt door een rijke lady. De dominee, die een belangrijke rol speelt. Het standsverschil tussen arm en rijk. De meiden met hun accent aan de ene kant, de landheren en hun echtgenotes aan de andere kant. Een jonge dokter, die moeilijk te benaderen is en die Margreet haat om zijn zelfingenomenheid. Haat, die overgaat in liefde, maar pas op het allerlaatste moment. Als in Mr. Darcy en Elisabeth Bennet.
Margreet en dokter Ranley, die samen een portrettengalerij van de rijke familie bewonderen. Dokter Ranley, die eigenlijk moet trouwen met de dochter van de lady. Hoe arme weeskindjes uiteindelijk toch geadopteerd kunnen worden. Hoe Margreet vriendschap sluit met de dienstmeid, maar zich ook in hogere kringen blijkt te kunnen verplaatsen.
Maar het is geen roman van Brontë of Austen, het is een pocket in de Witte Raven reeks van West-Friesland, en niet eens vertaald. Rona Lentinck voegt er daarom nog een Nederlandse adellijke verloving aan toe, die verbroken wordt Dat is de reden van het vertrek naar Engeland. Margreet wil breken met het verleden en dat kan ze alleen doen, door een totaal andere baan aan te nemen in het buitenland. Hoe ze daar aan is gekomen en waarom juist zijn die baan heeft gekregen, wordt niet duidelijk. Er is nog even een baantje geweest voor Heleen op een accountantskantoor.
Marleen heeft een zus in Nederland, die in het ouderlijk huis woont. Vader en moeder zijn dood. Heleen verlooft zich volgens afspraak met een voor haar uitgezochte rijke man, bij wie ze intrekt. Ze verkoopt het huis, zonder overleg. Margreet leest het als een feit in een brief. Ze zou er van onder de indruk zou moeten zijn. Maar dat doet er allemaal niet zo toe, in het verhaal. Het doet zelfs een beetje vreemd aan. Net als de komst van haar ex verloofde naar Engeland. Of dat bedoeld is om het allemaal een beetje Nederlandser te maken?
De binnenillustraties doen vreemd-modern aan. En ook het omslag klopt niet, met de inhoud.
Hans Borrebach tekende er een meisje in zomerse kleding, die bezig lijkt te zijn aan een klimpartij in de rotsen, met bovenin een jongeman. De werkelijkheid in het verhaal is minder romantisch. Het slaat op een scène, waarin Margreet op pad is met een weeskindje en ze ingesloten raken door de vloed. Het loopt allemaal maar net goed af. Of Jane of Elisabeth dat ook is overkomen, weet ik eigenlijk niet.
Toen ik het verhaal uit had, was ik er zelfs een beetje treurig van geworden. Het gevoel dat me ook altijd bekruipt, als ik zo'n Engelse roman gelezen heb. Ja, het loopt goed af, en ja, er wordt getrouwd, maar vrolijk is het allemaal niet. Eerder onheilspellend, waarbij de standsverschillen pijnlijk duidelijk zijn. En omdat je dat in Nederland al lang niet meer had, in de jaren vijftig, moest het zich wel in Engeland afspelen.
23 februari 2013
Het bandrecorderboek
Mijn vader had er een. Gekocht ergens in de jaren zestig en gebruikt tot diep in de jaren zeventig. Hij nam er de huwelijksmis mee op van vrienden, een verjaardag in zijn ouderlijk huis en later ook mijn allereerste geluidjes, nadat ik hem tot pappa had gebombardeerd. Je hoort me er groter worden, een zusje krijgen, die ook geluid gaat maken. En dan houdt het ineens op. Toen ging de bandercor - zoals ik m altijd noemde - stuk en kwam er een radio cassetterecorder. Dat is ergens in 1981 geweest.
Er staat een foto van bandercor in dit boek. Het is een goede keus geweest, die mijn vader destijds heeft gedaan, zo blijkt uit de beschrijving. Een Philips viersporen-stereorecorder. Inderdaad, de banden konden linksom en rechtsom draaien, en omgekeerd worden neergelegd, waarna ze nogeens linksom en rechtsom konden draaien. Ja, er zat een tweede luidspreker in het afneembaar kofferdeksel. En dat stereo meeluisteren tijdens opname met hoofdtelefoon of luidsprekers kon inderdaad ook. Maar ik ben van bouwjaar 72 en voor ik mono van stereogeluid kon onderscheiden, bestond mono al bijna niet meer.
In het bandrecorderboek komt de opvolger, de cassetterecorder, kort aan bod. Maar het is toch voornamelijk bandrecorder, in mono en stereo, tweedehands en nieuw, wat ter sprake komt. En de handleiding voor GELUID BIJ DIA EN FILM, aldus de ondertitel in hoofdletters op de titelpagina. Dia's, dat was een soort Powerpoint presentatie van foto's. Alleen kon je ze niet vanuit je toestel rechtstreeks in een computer pompen, maar moest je er bij de fotograaf kleine fotootjes van laten maken. En die in een sleufje stoppen, om ze zo door het dia apparaat - dat projector heet - heen halen. We hebben boven nog zo'n amper gebruikt ding staan. In de categorie geërfd, amper gebruikt, maar zonde om weg te gooien.
Film opnemen met geluid is lang niet mogelijk geweest. Vandaar die handleiding in dit boek er bij. Van het verschijnsel film werden in deze hobby serie meer boeken geschreven.
14,50 staat er voor in dit boek geschreven. Gevolg door 5,- en ten slotte 2,-. Het boek is dus onverkocht en een aantal malen afgeprijst geweest. Om het toch nog niet kwijt te raken. Ik kocht dit boek uiteindelijk in juni 2011 op een kofferbakmarkt. Daar heb ik er vast die twee euro niet meer voor betaald. Dit is dan ook met recht een toen boek, leuk voor de verzamelaars. Om veel van die 'o ja' dingen in te lezen. Uitkijken met magnetische velden, bijvoorbeeld. Want anders gaat het geluid vervormen. Zorg dat de recorder op een vaste ondergrond staat. Want anders trilt de opname mee. Zet de teller op nul als u de band start. Want anders heb je geen idee meer, waar je gebleven bent. Schrijf op de bijgeleverde dozen de tellerstand van een opname, zodat u dat later gemakkelijk terug kunt vinden.
Er zit zelfs nog een bestelkaart in, van de uitgeverij. Met het kopen van dit boek heeft u een goede keuze gedaan, zo staat er op te lezen. Mocht u belangstelling hebben voor meer goede boeken, dan loont het de moeite op deze kaart uw naam en adres en het gebied waarvoor u zich interesseert in te vullen en aan ons op te sturen. Of uitgeverij Veen nog aan de Leidsegracht in Amsterdam zit? Vast niet. Misschien bestaat de uitgever wel niet eens meer.
Met bandercor liep het trouwens nog goed af. Na jaren werkloos en kapot op zolder te hebben gestaan, nam mijn vader m mee naar zijn werk. Hij had een nieuwe, nog jonge collega gekregen, die als hobby had: oude apparaten repareren. Erg kapot bleek ie niet eens te zijn. Het was een kwestie van een paar onderdelen vervangen geweest, toen deed bandercor het weer. En konden mijn ouders als vijftigplussers en mijn zus en ik als twintigers weer luisteren naar al die vergeten dingen uit de jaren zestig en zeventig. Inclusief het geluid van het slaan van de klok in de kamer, dat bij elke opname wel te horen is. Geweldig.
Er staat een foto van bandercor in dit boek. Het is een goede keus geweest, die mijn vader destijds heeft gedaan, zo blijkt uit de beschrijving. Een Philips viersporen-stereorecorder. Inderdaad, de banden konden linksom en rechtsom draaien, en omgekeerd worden neergelegd, waarna ze nogeens linksom en rechtsom konden draaien. Ja, er zat een tweede luidspreker in het afneembaar kofferdeksel. En dat stereo meeluisteren tijdens opname met hoofdtelefoon of luidsprekers kon inderdaad ook. Maar ik ben van bouwjaar 72 en voor ik mono van stereogeluid kon onderscheiden, bestond mono al bijna niet meer.
In het bandrecorderboek komt de opvolger, de cassetterecorder, kort aan bod. Maar het is toch voornamelijk bandrecorder, in mono en stereo, tweedehands en nieuw, wat ter sprake komt. En de handleiding voor GELUID BIJ DIA EN FILM, aldus de ondertitel in hoofdletters op de titelpagina. Dia's, dat was een soort Powerpoint presentatie van foto's. Alleen kon je ze niet vanuit je toestel rechtstreeks in een computer pompen, maar moest je er bij de fotograaf kleine fotootjes van laten maken. En die in een sleufje stoppen, om ze zo door het dia apparaat - dat projector heet - heen halen. We hebben boven nog zo'n amper gebruikt ding staan. In de categorie geërfd, amper gebruikt, maar zonde om weg te gooien.
Film opnemen met geluid is lang niet mogelijk geweest. Vandaar die handleiding in dit boek er bij. Van het verschijnsel film werden in deze hobby serie meer boeken geschreven.
Er zit zelfs nog een bestelkaart in, van de uitgeverij. Met het kopen van dit boek heeft u een goede keuze gedaan, zo staat er op te lezen. Mocht u belangstelling hebben voor meer goede boeken, dan loont het de moeite op deze kaart uw naam en adres en het gebied waarvoor u zich interesseert in te vullen en aan ons op te sturen. Of uitgeverij Veen nog aan de Leidsegracht in Amsterdam zit? Vast niet. Misschien bestaat de uitgever wel niet eens meer.
Met bandercor liep het trouwens nog goed af. Na jaren werkloos en kapot op zolder te hebben gestaan, nam mijn vader m mee naar zijn werk. Hij had een nieuwe, nog jonge collega gekregen, die als hobby had: oude apparaten repareren. Erg kapot bleek ie niet eens te zijn. Het was een kwestie van een paar onderdelen vervangen geweest, toen deed bandercor het weer. En konden mijn ouders als vijftigplussers en mijn zus en ik als twintigers weer luisteren naar al die vergeten dingen uit de jaren zestig en zeventig. Inclusief het geluid van het slaan van de klok in de kamer, dat bij elke opname wel te horen is. Geweldig.
13 februari 2013
Voor de tweesprong
Olga Hovingh is wees. Haar moeder is pas onlangs overleden en van het plan, Nederlands te gaan studeren, kan niets terecht komen. Olga moet geld gaan verdienen. Ze vindt een pension en al snel ook een baan. Op de boekenafdeling van een warenhuis, dat binnenkort zal openen.Wanneer haar vader is overleden, wordt niet verteld. Blijkbaar heeft Olga ook geen familie of bekenden meer, die zich over haar ontfermen, want er wordt over niemand gesproken. Als in Remy in Alleen op de wereld.
In het warenhuis sluit zij vriendschap met Margreet, die al wat ouder is en pas haar verloving heeft verbroken. Margreet is de oudste van een groot gezin, waar Olga meteen hartelijk wordt ontvangen. Ook Margreet heeft geen vader meer, maar dat wordt deels goedgemaakt door oom Freek Marlot. De jongere broer van moeder, waarschijnlijk, want dat wordt in het boek niet met vermeld.
Op de boekenafdeling werkt verder nog Marijke, vijftien jaar, net geslaagd voor de Mulo. En Ank, die een paar jaar in een bibliotheek heeft gewerkt en door protectie van een der chefs als tweede verkoopster op de boekenafdeling is gaan werken. Tussen haar en Olga, die derde verkoopster is, is er al snel sprake van vijandschap, aangezien Olga haar werk veel beter doet. De chef heet Walter van der Griendt, een aardige, wat stille man, die zich later met Margreet verloofd. En de pianiste van de muziekafdeling, Erna. Zij is een jonge weduwe van goede komaf, waar Ank zich maar al te graag aan spiegelt. Die zou dolgraag zo'n luxueus leventje willen leiden, maar heeft er het geld niet voor. Ank zet zich tot stelen en wordt uiteindelijk ook betrapt.
En dan zijn er natuurlijk nog de interessante klanten, waar dokter Van Leeuwen, leraar Nederlands aan een gymnasium er een van is. Hij is begin veertig en al meteen gecharmeerd van Olga. Als hij van haar hoort, dat ze eigenlijk Nederlands had willen gaan studeren, biedt hij haar aan, eens bij het Leeskabinet voor haar te informeren. Daar zou ze qua werk veel beter op haar plaats zijn. Olga gaat er op gesprek, maar zodra ze hoort, dat ze er pro deo moet gaan werken, haakt ze af. De vriendschap met dokter Van Leeuwen blijft, evenals die met zijn oude moeder, met wie hij samenwoont. Maar als hij uiteindelijk voorstelt, met haar te trouwen, wijst ze hem af en strandt de vriendschap. Olga mag dan alleen zijn, zo maar trouwen wil ze toch ook niet.
Ze vindt binnen het warenhuis een andere baan, op de Giftshop. Via bemiddeling van de personeelsfunctionaris wordt ze leider van het zomerkamp van het warenhuis voor de jongere medewerksters. En uiteindelijk wordt ze verkoopster in de Boatshop, de varende variant van het warenhuis. Er moet nog getrouwd worden ook. Of ten minste een nieuw huwelijksaanzoek worden gedaan. Van dokter Van Leeuwen heeft ze dan al heel lang niets meer gehoord. Het is dan ook niet opnieuw van hem, maar van Freek Marlot. En ze geeft hem haar jawoord. Maar nog niet meteen. Want er zijn eerst nog wat dingen die ze 'met zichzelf moet uitvechten'. Daarom gaat ze eerst nog met de Hollandia op pad.
Wijze woorden en een wijs besluit voor een meisje van amper twintig. En daarmee eindigt dan ook het verhaal. Hans Borrebach voorzag het omslag van Olga met twee heren. Freek en dokter Van Leeuwen. 'hechte vriendschap en - als zij voor de tweesprong staat en de goede keuze doet - ook de liefde, aldus de wervende achterflaptekst. Met Ank en Erna heeft het nooit geboterd, van Margreet en haar familie lezen we na de verloving niets meer en met dokter Van Leeuwen wordt ook niet meer gesproken na dat mislukte aanzoek. Over welke hechte vriendschap het dan wel gaat, mag de lezer raden. Veel blijven er niet meer over.
In het warenhuis sluit zij vriendschap met Margreet, die al wat ouder is en pas haar verloving heeft verbroken. Margreet is de oudste van een groot gezin, waar Olga meteen hartelijk wordt ontvangen. Ook Margreet heeft geen vader meer, maar dat wordt deels goedgemaakt door oom Freek Marlot. De jongere broer van moeder, waarschijnlijk, want dat wordt in het boek niet met vermeld.
Op de boekenafdeling werkt verder nog Marijke, vijftien jaar, net geslaagd voor de Mulo. En Ank, die een paar jaar in een bibliotheek heeft gewerkt en door protectie van een der chefs als tweede verkoopster op de boekenafdeling is gaan werken. Tussen haar en Olga, die derde verkoopster is, is er al snel sprake van vijandschap, aangezien Olga haar werk veel beter doet. De chef heet Walter van der Griendt, een aardige, wat stille man, die zich later met Margreet verloofd. En de pianiste van de muziekafdeling, Erna. Zij is een jonge weduwe van goede komaf, waar Ank zich maar al te graag aan spiegelt. Die zou dolgraag zo'n luxueus leventje willen leiden, maar heeft er het geld niet voor. Ank zet zich tot stelen en wordt uiteindelijk ook betrapt.
En dan zijn er natuurlijk nog de interessante klanten, waar dokter Van Leeuwen, leraar Nederlands aan een gymnasium er een van is. Hij is begin veertig en al meteen gecharmeerd van Olga. Als hij van haar hoort, dat ze eigenlijk Nederlands had willen gaan studeren, biedt hij haar aan, eens bij het Leeskabinet voor haar te informeren. Daar zou ze qua werk veel beter op haar plaats zijn. Olga gaat er op gesprek, maar zodra ze hoort, dat ze er pro deo moet gaan werken, haakt ze af. De vriendschap met dokter Van Leeuwen blijft, evenals die met zijn oude moeder, met wie hij samenwoont. Maar als hij uiteindelijk voorstelt, met haar te trouwen, wijst ze hem af en strandt de vriendschap. Olga mag dan alleen zijn, zo maar trouwen wil ze toch ook niet.
Ze vindt binnen het warenhuis een andere baan, op de Giftshop. Via bemiddeling van de personeelsfunctionaris wordt ze leider van het zomerkamp van het warenhuis voor de jongere medewerksters. En uiteindelijk wordt ze verkoopster in de Boatshop, de varende variant van het warenhuis. Er moet nog getrouwd worden ook. Of ten minste een nieuw huwelijksaanzoek worden gedaan. Van dokter Van Leeuwen heeft ze dan al heel lang niets meer gehoord. Het is dan ook niet opnieuw van hem, maar van Freek Marlot. En ze geeft hem haar jawoord. Maar nog niet meteen. Want er zijn eerst nog wat dingen die ze 'met zichzelf moet uitvechten'. Daarom gaat ze eerst nog met de Hollandia op pad.
Wijze woorden en een wijs besluit voor een meisje van amper twintig. En daarmee eindigt dan ook het verhaal. Hans Borrebach voorzag het omslag van Olga met twee heren. Freek en dokter Van Leeuwen. 'hechte vriendschap en - als zij voor de tweesprong staat en de goede keuze doet - ook de liefde, aldus de wervende achterflaptekst. Met Ank en Erna heeft het nooit geboterd, van Margreet en haar familie lezen we na de verloving niets meer en met dokter Van Leeuwen wordt ook niet meer gesproken na dat mislukte aanzoek. Over welke hechte vriendschap het dan wel gaat, mag de lezer raden. Veel blijven er niet meer over.
Abonneren op:
Posts (Atom)




