In 2001 werkte ik als mediathecaris op een hogeschool in Den Bosch. Ze onderhielden een vriendschapsband met een school in Canterbury, Engeland. Bij wijze van uitwisselingsproject mocht ik er tien dagen naar toe. Het werden heel leerzame dagen, met lessen in het Engels. Maar er bleef genoeg tijd over om wat van het stadje te zien, bij werkelijk schitterend weer. Zo kwam ik tot de ontdekking dat boeken in Groot Brittannië op veel meer plekken worden verkocht dan alleen in de boekhandel. Voor heel schappelijke prijzen. Inmiddels is dat bij ons ook wat meer gebruikelijk, maar dat was het toen nog niet.
The Mini Oxford school thesaurus kocht ik bij een soort van bouwmarkt. Drie centimeter dik, zes centimeter breed en tien centimeter hoog. Met recht een klein formaatje. Een thesaurus. Ik heb het de volgende dag in de les aan onze docente gevraagd. Hoe het kon, dat zoiets bij een bouwmarkt te koop was. Zij vond het heel gewoon. En ze kende het woord, wat ik aan mijn Nederlandse klagenoten moest uitleggen. Een thesaurus is een bibliotheekwoord, bij ons.
Van oorsprong het een naslagwerk. Een soort woordenboek, waarin de begrippen met andere begrippen die het zelfde betekenen, wordt omschreven. Later werd het ook een methode om te ontsluiten, wat in bibliotheekland zoveel betekent als: een netwerk met verwijzingen voor het toegankelijk maken en
koppelen van (collectie)gegevens. In het digitale tijdperk is een thesaurus vaak niet eens zichtbaar. Ooit eens een woord opgezocht in een catalogus en een vraag als antwoord gekregen? Koe. Koe is niet gevonden. Bedoelt u misschien rundvee? Wanneer je zoiets leest, weet dan: daar zit een thesaurus achter.
Engelse scholieren en studenten gebruiken een thesaurus bij hun studie, om hun woordenschat te vergroten, zo hoorde ik in Canterbury. Dat doen ze eigenlijk allemaal. Het exemplaartje wat ik had gekocht, was afkomstig van de uitgeverij van de Oxford Universiteit, zo bleek. Een gerenommeerd exemplaar, maar daar waren er veel meer van te koop. Ik moest maar eens een kijkje nemen in de plaatselijke boekhandel, zo werd me verteld. Dat heb ik gedaan. En mijn ogen uit gekeken.
Canterbury was een zinvolle kennismaking met Engeland en met hun manier van studeren. Maar na een tegenvallend avontuur in Londen met dito weer heb ik het land verder voor gezien gehouden. De laatste jaren kom ik veel in Duitsland. Ook daar verkopen ze studie hulpmiddelen niet alleen in boekhandels, maar eigenlijk overal. Ook dingen, die in Nederland al lang verleden tijd zijn en voornamelijk in bibliotheken werden gebruikt. Zoals kaartenbakken. En cataloguskaartjes. In alle kleuren, soorten en maten. Waarom? Het helpt de Duitse kinderen met het structureren van hetgeen ze leren. Eigen overzichten maken, zelf systematiseren. Het is eigenlijk net zoiets als in Engeland.
Onze buren links en rechts laten hun kinderen veel actiever met de lesstof omgaan, dan dat wij dat doen. Of ik het zelf zo had gewild? Misschien was het wel beter geweest. Want ik leerde pas structureren en systematiseren, toen ik twintig was en op de bibliotheekopleiding kwam. Ik was het niet gewend en vond het moeilijk, om zo te gaan denken. Ja, het was beter geweest, als ik het op de middelbare school al had geleerd. Met een thesaurus of kaartenbak in miniformaat.
Zoek je iets?
Arja Peters (ps. van Chinny van Erven)
De Wildhof (serie)
De klas van Tina (serie)
Fietsclub 'Krap bij Kas' (serie)
Freddy Hagers (ps. van G. Betlem)
Goud-Elsje (serie)
Hans Borrebach (auteur)
Hans Borrebach (ill.)
Helen Taselaar
Herry Behrens (ill.)
Herson (is ps. van Herry Behrens; ill.)
Ik kan serie
Inge Neeleman (is pseud. van Helen Taselaar)
Jeugdhotel De Witte Hengst (serie)
Kluitman Jeugdserie
Manege Picadero (serie)
Max de Lange-Praamsma
Mien van 't Sant
Netty Koen-Conrad
Prisma boeken (serie)
Rie Reinderhoff (ill.)
Sanne van Havelte
Sneeuwbalserie
Uitgeverij De Eekhoorn
Uitgeverij West-Friesland
Witte Raven Jeugdpockets
Zonne-reeks
Zonnebloem serie
correspondentie
huishoudboeken
meisjesroman
uitgeverij Elsevier
uitgeverij Van Holkema en Warendorf
woninginrichting
Over mij
- Marieke
- Omdat oude boeken nog steeds leuk zijn om te lezen, maar omdat er meer is om over te schrijven. Sinds kort dus naast boeken ook oude spullen met een verhaal.
16 september 2015
02 september 2015
In jouw handen
Ze neemt de baan, in het dorp dat als zodanig niet bestaat. Wel als naam van een kindertehuis, in Ellecom. Dat is een dorp in Gelderland, op de Veluwe. Ellecom ligt tussen Rhenen en Doesburg, niet ver van Dieren, wat weer de achternaam van de schrijfster is. Het zou dus heel goed kunnen, dat ze inderdaad Ellecom heeft willen beschrijven. Want het plaatsje had inderdaad een station vroeger, op de lijn Arnhem-Leeuwarden. Het werd echter al in 1929 gesloten. Dit verhaal speelt zich later af.
Een vrij realistisch verhaal, waarin de sfeer van lesgeven op een dorpsschool als beginneling goed wordt weergegeven. De voornemens die je maakt en de praktijk die daar dan op volgt. Al het nieuwe, dat op je af komt. Niet alleen het werk, ook de collega's, de treinreis er naar toe. Hoe je op kamers besluit te gaan, als de treinverbinding niet meer blijkt aan te sluiten op je werktijden. Hoe je je settelt in een nieuw dorp, vriendschap sluit met kamergenoten. Hoe je in toneelspelen een hobby vindt. Hoe de liefde om de hoek komt kijken en daarmee ook de jaloezie en het onbegrip.
Helaas zitten er ook veel cliche's in. Want de ware Jacob is natuurlijk het hoofd der school, die uiteraard weduwnaar is. Vanzelfsprekend heeft hij een klein kind, een meisje, dat hij zo goed als alleen op moet voeden. En ja, Sylvia sluit haar direct in haar hart. En dankzij Marianneke komt Louis Vermeulen haar zeer na. Dat ontdekt ze op vakantie. Een vakantie aan zee, waar, hoe toevallig, hij ook verblijft.
Er is een jaloerse concurrent, in de vorm van collega Ali Groefser, die eerder met Louis wilde trouwen. Maar zij mist de gave, van kinderen te houden. De gave die, aldus Louis, een vrouw moet bezitten. Ali is wel degelijk een vrouw en daarbij nog onderwijzeres. Maar dan wel een die niet van kinderen houdt. Wonderlijk dat zo iemand dan zo'n beroep kiest. En dan is er nog vriendin en pensiongenoot Gerda, die verliefd is op regisseur Jaap. Hij ziet haar niet staan, ziet op zijn beurt weer meer in Sylvia. Dat leidt dan weer tot ruzie tussen de beide vriendinnen. Een ruzie die ze bij leggen, want Sylvia geeft niets om Jaap.
Om het allemaal nog iets minder waarschijnlijk te maken viert Sylvia de strandvakantie met Gerda en blijkt Louis erelid van de toneelvereniging waar Sylvia en Gerda in spelen en Jaap de regisseur is. Uiteindelijk legt Sylvia haar jonge leven in de handen van Louis. Met tranen van ontroering in haar ogen. En heeft Gerda zich met Jaap verloofd, die bij nader inzien toch ook wel wat in haar blijkt te zien. Zoals dat dus altijd gaat, in boekenland. En o ja, die Ali Groefser blijkt uiteindelijk toch ook minder jaloers en zelfs aardig. Tuurlijk. Met illustraties en een omslag van Hans Borrebach. Alweer een veel te mooi meisje met elegante wangen, rode lippen en golvende lokken.
21 augustus 2015
De uitgever zelf over... Goud-Elsje verlooft zich
Het is al meer dan twintig jaar geleden, dat ik dit deel uit de serie kocht op een rommelmarkt. De bibliotheek van Wijchen had een kraampje gehuurd om hun afgeschreven boeken alsnog aan de man / vrouw te brengen. Zelf zat ik pas net op de bibliotheekopleiding en ik herinner me, dat we toen nog een heel gesprek over Het Vak hebben gevoerd, daar aan de kraam. Ik kocht destijds een nieuwere druk, met een omslag van Reint de Jonge en binnenillustraties van Rie Reinderhoff. In die vorm zou ik de serie ergens in de jaren negentig ook compleet krijgen.
Een jaar of vijf, zes geleden deed zich ineens iets merkwaardigs voor. De oudere drukken, in linnen,
met ook een omslag en bandillustratie van Rie Reinderhoff, waren lang onbetaalbaar geweest, in mijn ogen. Of, beter gezegd: ik had het er niet voor over. Tot rond 2010 ineens die oude drukken óók voor een heel schappelijk prijsje werden aangeboden. Ik besloot, om alle tien de nieuwere edities te vervangen voor oudere. Ze hadden lang niet allemaal het omslag nog, maar dat vond ik ook niet erg.
Ik kom ze nog altijd tegen, soms schappelijk geprijst. En zo scoorde ik dus onlangs het tweede deel voor de derde keer. Ditmaal én in oude druk, én met een omslag, dat afwijkt van de bandillustratie. Op het omslag staat een dromerige Els, met op de achtergrond de schaduw van een man en profil. Op de rug diezelfde profieltekening van een man en Els, die er tegen aan leunt. Die afbeelding van Els is ook op de rug van de bandtekening gebruikt. En op de uitgewerkte illustratie voor op de band. Els in de arm van haar verloofde Taco, op weg naar wat hun huis zal worden.
Het is een beetje misleidend allemaal, omslag, ruggen en band. De titel ook. Want ja, Els Berkhout verlooft zich, maar pas in het allerlaatste hoofdstuk. De overige vijftien hoofdstukken vormen, wat destijds op het boekhoekje van mijn eerste afgeschreven bieb-editie als annotatie vermeld stond. De weg naar volwassenheid, waarin Els de problemen van zichzelf en van anderen steeds beter leert begrijpen. Die recensent van de bibliotheek heeft destijds het boek inderdaad gelezen, toen hij / zij dat neerschreef. Of de uitgever en Rie Reinderhoff dat ook gedaan hebben? Of moest het vooral goed verkopen? Werd er daarom voor deze titel gekozen, en voor een dergelijk omslag?
Aan de binnenkant van het omslag staat op de linkerflap een korte omschrijving. Waarschijnlijk gemaakt door de uitgever, als reclame. We vinden Goud-Elsje in een boekhandel, waar ze zich ook al door haar eigen talent goed op haar plaats voelt, zo begint het. Bedoeld wordt: Els wilde leeszaal assistente worden, maar daar hadden ze thuis het geld niet voor. Ze moest gaan werken en vond via haar buurjongen Taco een baan in een boekhandel. Zelf schrijft ze ook graag. Door t contact met de liefde in t leven ontwaakt er iets bij Els. Er doen zich echter nog heel wat moeilijkheden voor, maar het jonge geluk in haar leven wint het en zij verlooft zich met de sympathieke Taco. Pas als Els een aanzoek van een oud schoolgenoot krijgt, beseft ze dat ze van haar buurjongen houdt. Een volgend mogelijk aanzoek van een kennis wijst ze daarom ook af.
Taco, zo gaat de omschrijving verder, is een jonge dokter, met wiens familie zij in Lugano een vakantie mag doorbrengen. Dat is al eerder in het boek gebeurd, dan de verloving. En het is niet dankzij Taco dat ze in Lugano zit, maar dankzij haar vriendin Lotty, bij wie ze mag gaan logeren. Taco's ouders besluiten daarop bij wijze van vakantie met haar mee te reizen en een paar weken in het nabijgelegen Teserete te gaan logeren. Daar zoekt Taco hen op.
Maar als je het zo feitelijk zou hebben weergegeven, was het boek vast minder verkocht dan dat het uiteindelijk zou gaan doen. Het verscheen in 1948 en het zou tot 1990 worden herdrukt. Zeventien keer. Ik bezit de tiende druk. Toen meldde de uitgever al, dat er meer dan 100.000 boeken van de totale serie waren verkocht. Hoeveel het er uiteindelijk zijn geworden, heb ik niet kunnen achterhalen. Misschien wel het dubbele. Dat wil toch wel wat zeggen.
Een jaar of vijf, zes geleden deed zich ineens iets merkwaardigs voor. De oudere drukken, in linnen,
met ook een omslag en bandillustratie van Rie Reinderhoff, waren lang onbetaalbaar geweest, in mijn ogen. Of, beter gezegd: ik had het er niet voor over. Tot rond 2010 ineens die oude drukken óók voor een heel schappelijk prijsje werden aangeboden. Ik besloot, om alle tien de nieuwere edities te vervangen voor oudere. Ze hadden lang niet allemaal het omslag nog, maar dat vond ik ook niet erg.
Het is een beetje misleidend allemaal, omslag, ruggen en band. De titel ook. Want ja, Els Berkhout verlooft zich, maar pas in het allerlaatste hoofdstuk. De overige vijftien hoofdstukken vormen, wat destijds op het boekhoekje van mijn eerste afgeschreven bieb-editie als annotatie vermeld stond. De weg naar volwassenheid, waarin Els de problemen van zichzelf en van anderen steeds beter leert begrijpen. Die recensent van de bibliotheek heeft destijds het boek inderdaad gelezen, toen hij / zij dat neerschreef. Of de uitgever en Rie Reinderhoff dat ook gedaan hebben? Of moest het vooral goed verkopen? Werd er daarom voor deze titel gekozen, en voor een dergelijk omslag?
Aan de binnenkant van het omslag staat op de linkerflap een korte omschrijving. Waarschijnlijk gemaakt door de uitgever, als reclame. We vinden Goud-Elsje in een boekhandel, waar ze zich ook al door haar eigen talent goed op haar plaats voelt, zo begint het. Bedoeld wordt: Els wilde leeszaal assistente worden, maar daar hadden ze thuis het geld niet voor. Ze moest gaan werken en vond via haar buurjongen Taco een baan in een boekhandel. Zelf schrijft ze ook graag. Door t contact met de liefde in t leven ontwaakt er iets bij Els. Er doen zich echter nog heel wat moeilijkheden voor, maar het jonge geluk in haar leven wint het en zij verlooft zich met de sympathieke Taco. Pas als Els een aanzoek van een oud schoolgenoot krijgt, beseft ze dat ze van haar buurjongen houdt. Een volgend mogelijk aanzoek van een kennis wijst ze daarom ook af.
Maar als je het zo feitelijk zou hebben weergegeven, was het boek vast minder verkocht dan dat het uiteindelijk zou gaan doen. Het verscheen in 1948 en het zou tot 1990 worden herdrukt. Zeventien keer. Ik bezit de tiende druk. Toen meldde de uitgever al, dat er meer dan 100.000 boeken van de totale serie waren verkocht. Hoeveel het er uiteindelijk zijn geworden, heb ik niet kunnen achterhalen. Misschien wel het dubbele. Dat wil toch wel wat zeggen.
13 augustus 2015
Woordenboek automatisering
Het is, aldus het Woord vooraf, uitgevoerd in handig zakboekjesformaat. Handig, want: U kunt het dus altijd bij de hand hebben om snel de betekenis van een bepaald begrip op te zoeken. Vertalingen en verklaringen van Engelstalige begrippen, op het gebied van automatisering, anno 1985. Om helemaal volledig te zijn, aldus de ondertitel: Vertalingen en verklaringen van Engelstalige begrippen en afkortingen op het gebied van computers, telecommunicatie en kantoorautomatisering.Het begon allemaal net een beetje 'in' te komen die computers, dus dit soort boekjes, uitgegeven door de Koninklijke PBNA, waren heel gewild. Mijn exemplaar scoorde ik vorig jaar tijdens de boekenmarkt van Deventer, als oud exemplaar van de bibliotheek. Maar ik denk, dat het overal stond, dertig jaar geleden. Want zo oud is het dus ondertussen al. En als er ergens veel veranderd is, dan is het wel op het gebied van computers, telecommunicatie en kantoorautomatisering. Wordt het eigenlijk nog wel zo genoemd? Het is iets vanzelfsprekends geworden. Computers en wat daar allemaal bij komt kijken, het is er gewoon.
Zes jaar na het verschijnen van dit boekje begon ik aan de bibliotheekopleiding. En ook daar maakte het vak informatica, zoals het intussen was gaan heten, de dienst uit. Ik heb zelfs nog een werkstuk over kantoorautomatisering moeten maken, wat in die paar jaar tijd een gigantisch vakgebied was geworden. Een niet te overzien vakgebied zelfs, waarbij het al snel de vraag werd: wát willen we dan van kantoorautomatisering onderzoeken?
Dat informatica, het veranderde elk leerjaar van vorm en inhoud. We begonnen met dwarsdoorsnedes van een fax en een printer, met WP5.1, dBase 4 en programmeren in Pascal. Dat werd van tafel geveegd, want programmeurs hoefden we niet te worden. Toen werd het: structuur- en stroomdiagrammen maken. Heette het niet SDW? Ik ben het gelukkig allemaal al weer vergeten. Omdat het elk jaar weer tijd was voor iets volkomen nieuws, mócht ik alles ook meteen weer vergeten. Behoorlijk frustrerend, als je voor een tentamen zakt, waarvan de lesstof een jaar later al weer achterhaald was. Ik moest het weer vergeten, zodra ik het tentamen had gehaald. Want het was achterhaald. En achterhaald zou mijn kennis blijven. Ook toen ik gediplomeerd van school ging.
Ergens rond de eeuwwisseling heb ik nog een Woordenlijst Internet van het web geplukt en geprint. Dat was in de tijd dat websites bouwen in de mode kwam en ik, als informatiespecialist, toch ook wel iets van de techniek er van wilde weten. Maar ook dat werd na een paar jaar onbegonnen werk. En nu, nu heb ik steeds vaker heimwee naar dit soort boekjes, met beknopte overzichten. Gewoon op papier, niet digitaal, waar je door de vele links en banners steeds weer afgeleid wordt. Wat zocht ik nou ook alweer? Waarom ben ik hier terecht gekomen? Geen idee, wat ik hier nou kwam doen. Die vragen had je niet, anno 1985, met een boekje als dit. Je wist waar je naar op zoek ging, als je het open sloeg.
Ik bezit de eerste druk. In 1988 werd er al een derde, geheel herziene druk uitgegeven. Tien jaar later verscheen het op CD ROM, met als ondertitel: CD-ROM voor de automatiseringspraktijk. Om in 2000 nogmaals te worden uitgegeven, nu met als ondertitel: CD-ROM voor de taalpraktijk. Die editie verscheen jaarlijks, zo meldt de kb-catalogus, maar is tegelijkertijd niet verder verschenen. Het was dus de intentie, om het jaarlijks te laten verschijnen. Maar dat is er niet meer van gekomen.
Zo'n titelbeschrijving alleen al, zegt heel veel, over hoe het vakgebied veranderde. Hoe een boek in drie jaar tijd totaal verouderd kan zijn, wordt vervangen door een CD-ROM om beter op de actualiteit in te kunnen springen, totdat ook dat niet meer lukt. Waarschijnlijk houdt nu iedereen zijn automatiseringskennis bij zoals ik dat doe: heel veel proberen. Als als je tijd en zin hebt, tenminste. En anders maar laten voor wat het is. Zonder te weten wat iets betekent, waarom het zo werkt of juist niet. Het valt allemaal niet meer te volgen, zo snel als het gaat. Dat moet je ook niet willen.
05 augustus 2015
Smullen bij STOK
Nee, dit wordt geen recensie over een restaurant. Dit gaat gewoon, net als altijd over boeken. Oude meisjesboeken. En over de boekenmarkt van Deventer. Want het is weer de eerste zondag in augustus geweest, dus hij was er weer, de grootste boekenmarkt van Europa. De 27e editie, aldus de website. Daarvan maak ik er al dik twintig mee. Want ik ben bezoeker sinds 1992, al weet ik zo niet uit mijn hoofd of ik ook echt alle jaren ben geweest. Maar veruit de meeste jaren wel. Eerst met mijn vriend, later met mijn man, wat overigens drie verschillende personen zijn geweest. Met de auto, met de trein en weer met de auto.
Ik heb de markt zien veranderen van een smoezelige boekenwurmenverzameling - geen deodorant, geen schone kleren, niet geschoren, u kent ze wel- tot een grote collectie verantwoorde dames omdat het even in de mode leek om boeken te lezen. De dames in de categorie: ik heb alleen maar op het gewicht gelet. Klinkt vast ook heel bekend. Wat het de laatste jaren is? Dat weet ik niet precies. Nog een enkele smoezelige boekenwurm, gelukkig geen verantwoorde dames meer. Het is vooral minder geworden. Niet alleen aan bezoekers, de laatste jaren ook qua aanbod.
Rijen en rijen Suske en Wiske stripboeken, de onvermijdelijke Arendsoog-serie, Pinkeltjes bij honderden tegelijk. En als ze dan al iets in mijn verzamelgebied bij zich hebben, zijn het de veilige, veelgevraagde veelschrijvers. Sanne van Havelte, Cissy van Marxveldt en Leni Saris. En daarbij had ik ook voortdurend last van de miscommunicatie tussen mij en de handelaar aan de overkant van de kraam. Want de laatste jaren gaat het steeds vaker zo:
Je ziet een mooi boek, passend in de verzameling. In een kringloopwinkel of op de kofferbakmarkt zou ie € 1 doen, of zo. Maar je denkt bij jezelf, dit is Deventer, dit is handel, hier denken ze dat ze goud hebben, dus er zal wel iets van € 7,50 gevraagd worden. En dan open je zo'n boek en lees je in de rechterbovenhoek met potlood: € 15. Dat idee. En het overkwam me de laatste jaren niet één keer, maar wel bij tien verschillende boeken. En ja, daar word ik chagerijnig van. Het is niet, dat ik het dan persé voor die ene euro zou moeten hebben. Maar dat het dan schaamteloos 15 keer zo veel moet zijn, daar kan ik niet tegen!
Dit jaar gingen we dus weliswaar naar de boekenmarkt Deventer, maar met een plan de campagne. We zouden alleen nog maar kijken in de kelder van de bieb, want daar was het altijd leuk scoren. En daarna nog op ons gemak snuffelen tussen de ansichtkaartkramen voor manlief. Zo gezegd zo gedaan. Ik scoorde ook dit keer weer goed bij de bieb. De meneer bij wie ik afrekende tipte me, dat er binnen nog veel meer kinderboeken te koop waren. Ik zag er inderdaad veel kinderboeken, maar ook een vitrine, met een bordje er bij. Het was van STOK, Stichting het Oude Kinderboek: alle dubbele exemplaren vandaag in de verkoop, stond er op.
Die vitrine besloeg precies mijn verzamelingsgebied, dus wij de trap op naar boven. En we werden niet teleurgesteld. Het werd ouderwets stapelen, allemaal voor, jawel, € 1 per stuk. 'Ik hoef u niet te vragen of u wel geslaagd bent', zei een vriendelijke dame toen ik uiteindelijk een hele stapel voor naar neus bij de kassa deponeerde. Ja, ik was zeker geslaagd. Wat heet. Het was gewoon smullen. Natuurlijk wil ik wel een foldertje. Ik kende STOK nog niet, maar dat moest snel veranderen.
Ze verkopen niet alleen hun dubbele exemplaren ten bate van hun stichting. Ze lenen ook oude kinderboeken uit. En de collectie is opgenomen in de catalogus van de bibliotheek. Je hoeft er niet eens lid van te zijn om 'm te kunnen doorbladeren. Het trefwoord Borrebach leverde maandag al meteen 730 treffers op. Geweldig. Dat ik hier toch al die jaren aan voorbij ben gegaan.
Het was mooi weer, afgelopen zondag. En we vonden uiteindelijk nog wat ansichtkaarten ook. Alle andere kramen hebben we inderdaad gelaten voor wat ze waren. Het zou het toch niet meer halen bij de twee goedgevulde tassen van STOK. Volgend jaar weer!
Ik heb de markt zien veranderen van een smoezelige boekenwurmenverzameling - geen deodorant, geen schone kleren, niet geschoren, u kent ze wel- tot een grote collectie verantwoorde dames omdat het even in de mode leek om boeken te lezen. De dames in de categorie: ik heb alleen maar op het gewicht gelet. Klinkt vast ook heel bekend. Wat het de laatste jaren is? Dat weet ik niet precies. Nog een enkele smoezelige boekenwurm, gelukkig geen verantwoorde dames meer. Het is vooral minder geworden. Niet alleen aan bezoekers, de laatste jaren ook qua aanbod.
Rijen en rijen Suske en Wiske stripboeken, de onvermijdelijke Arendsoog-serie, Pinkeltjes bij honderden tegelijk. En als ze dan al iets in mijn verzamelgebied bij zich hebben, zijn het de veilige, veelgevraagde veelschrijvers. Sanne van Havelte, Cissy van Marxveldt en Leni Saris. En daarbij had ik ook voortdurend last van de miscommunicatie tussen mij en de handelaar aan de overkant van de kraam. Want de laatste jaren gaat het steeds vaker zo:
Je ziet een mooi boek, passend in de verzameling. In een kringloopwinkel of op de kofferbakmarkt zou ie € 1 doen, of zo. Maar je denkt bij jezelf, dit is Deventer, dit is handel, hier denken ze dat ze goud hebben, dus er zal wel iets van € 7,50 gevraagd worden. En dan open je zo'n boek en lees je in de rechterbovenhoek met potlood: € 15. Dat idee. En het overkwam me de laatste jaren niet één keer, maar wel bij tien verschillende boeken. En ja, daar word ik chagerijnig van. Het is niet, dat ik het dan persé voor die ene euro zou moeten hebben. Maar dat het dan schaamteloos 15 keer zo veel moet zijn, daar kan ik niet tegen!
Dit jaar gingen we dus weliswaar naar de boekenmarkt Deventer, maar met een plan de campagne. We zouden alleen nog maar kijken in de kelder van de bieb, want daar was het altijd leuk scoren. En daarna nog op ons gemak snuffelen tussen de ansichtkaartkramen voor manlief. Zo gezegd zo gedaan. Ik scoorde ook dit keer weer goed bij de bieb. De meneer bij wie ik afrekende tipte me, dat er binnen nog veel meer kinderboeken te koop waren. Ik zag er inderdaad veel kinderboeken, maar ook een vitrine, met een bordje er bij. Het was van STOK, Stichting het Oude Kinderboek: alle dubbele exemplaren vandaag in de verkoop, stond er op.
Die vitrine besloeg precies mijn verzamelingsgebied, dus wij de trap op naar boven. En we werden niet teleurgesteld. Het werd ouderwets stapelen, allemaal voor, jawel, € 1 per stuk. 'Ik hoef u niet te vragen of u wel geslaagd bent', zei een vriendelijke dame toen ik uiteindelijk een hele stapel voor naar neus bij de kassa deponeerde. Ja, ik was zeker geslaagd. Wat heet. Het was gewoon smullen. Natuurlijk wil ik wel een foldertje. Ik kende STOK nog niet, maar dat moest snel veranderen.
Ze verkopen niet alleen hun dubbele exemplaren ten bate van hun stichting. Ze lenen ook oude kinderboeken uit. En de collectie is opgenomen in de catalogus van de bibliotheek. Je hoeft er niet eens lid van te zijn om 'm te kunnen doorbladeren. Het trefwoord Borrebach leverde maandag al meteen 730 treffers op. Geweldig. Dat ik hier toch al die jaren aan voorbij ben gegaan.
Het was mooi weer, afgelopen zondag. En we vonden uiteindelijk nog wat ansichtkaarten ook. Alle andere kramen hebben we inderdaad gelaten voor wat ze waren. Het zou het toch niet meer halen bij de twee goedgevulde tassen van STOK. Volgend jaar weer!
29 juli 2015
Elke wolk heeft een zilveren randje
Vier jaar, zijn Rob en Marjolein nu getrouwd. Ze wonen nog altijd in de Nutshell, het houten huisje, dat is uitgebreid met een douche en een kinderkamer. Zoon Rudi is intussen zestien maanden, en heeft er een zusje bij. Ze heet Anne-Marijke, net als het kindje van Annie en Ric. In het eerste verhaal werd nog gesproken over de oorlog, die nog niet zo lang geleden had plaatsgevonden. Dat moet zich dus in de jaren veertig hebben afgespeeld. In die tijd zijn mijn opa en oma ook getrouwd en kregen ze mijn moeder. Oma heeft me later veel over die tijd verteld. Ik heb dus een mooi referentiekader.
Voor opa en oma in die tijd geen snel bij elkaar te sparen uitzet, zoals Marjolein dat voor elkaar kreeg. Er was simpelweg niets te koop. En voor hen ook geen houten huisje op de Veluwe. Het werd een bovenwoning, waarbij ze de keuken moesten delen. Gewoon, omdat er niets anders was in die tijd. Nu zijn we dus vier jaar verder. Rob, die een behoorlijke vooropleiding heeft gehad- ook al geen vanzelfsprekendheid in de jaren veertig- heeft een paar keer promotie gemaakt. En dus kunnen ze zelfs luxe gaan leven. Dat ziet Marjolein weliswaar in, maar het blijft een ongewoon gegeven, voor die tijd.
Er is een hulpje in de poppenhuishouding van Marjolein gekomen, voor het zware werk. En Rob, die zo'n beetje de rechterhand van de directeur is geworden, had een auto nodig dus die hebben ze nu ook. En dan is Els er nog. De getrouwde, maar nog steeds kinderloze vriendin van Marjolein, die haar veel werk uit handen neemt. We schrijven dus het begin van de jaren vijftig. Om nog even op mijn grootouders terug te komen: opa kreeg een goede baan, maar werd daarmee nog geen rechterhand van de directeur. Hij had al heel lang een rijbewijs, maar kocht zijn auto pas tegen de tijd dat ik geboren ben. En daarin was hij geen uitzondering. In de vijftiger jaren had nog bijna niemand een auto.
Marjolein wil ook leren rijden en pas na veel zeuren, geeft Rob toe. Rijscholen bestonden blijkbaar nog niet, want ze krijgt les van Rob zelf. En maakt daarbij zoveel fouten, dat het hopeloos lijkt. Dit verhaal is in de eerste persoon geschreven. Marjolein geeft zichzelf dus steeds op haar donder. Met als achterliggende gedachte: ze is een vrouw. Ze zal het nooit leren. Het is ook niks voor een vrouw. Die moet de huishouding doen. Weer even terug naar mijn referentie: mijn oma behaalde haar rijbewijs ook, ergens begin jaren zeventig. Zonder moeite. Bij een rijschool. En ze was heel huishoudelijk bovendien.
Maar dat soort werkelijkheden zijn niet mooi genoeg voor een verhaal. Daarom laat de schrijfster Rob vervolgens eerst een inhalige secretaresse krijgen, die Marjolein jaloers maakt. En dan is Rob zodanig overwerkt, dat hij hoognodig eens op vakantie moet, naar het zonnige zuiden. Op doktersadvies. Over de kosten wordt voor de vorm nog een beetje moeilijk gedaan. Ze gaan met hun eigen autootje kamperen. En voor de kindertjes zal Els zorgen.
De vakantie beslaat meer dan de helft van het boek. En het eindigt, via ouders en schoonmoeder, uiteindelijk weer in de Nutshell. Waar blijkt, dat het thuis toch het allerbeste is. Met de kindertjes, met een gezond-gebruinde Rob, met een zorgzame Els. En met een stralende secretaresse, die samen met de dokter op bezoek komt, om te vertellen, dat ze zich hebben verloofd. Jacqueline blijft in de buurt van Marjolein wonen en ze heeft nog veel te leren op het gebied van de huishouding. Want natuurlijk zal ze geen secretaresse van Rob blijven. Dat wordt niet met zo veel woorden gezegd. Maar zo was het natuurlijk wel. Het blijven ten slotte de jaren vijftig. Of er nog een derde deel is verschenen over Marjolein? Ik ben het nog niet tegengekomen. Want de meisjesboeken-met-Borrebach-illustraties worden schaars. Helaas.
Voor opa en oma in die tijd geen snel bij elkaar te sparen uitzet, zoals Marjolein dat voor elkaar kreeg. Er was simpelweg niets te koop. En voor hen ook geen houten huisje op de Veluwe. Het werd een bovenwoning, waarbij ze de keuken moesten delen. Gewoon, omdat er niets anders was in die tijd. Nu zijn we dus vier jaar verder. Rob, die een behoorlijke vooropleiding heeft gehad- ook al geen vanzelfsprekendheid in de jaren veertig- heeft een paar keer promotie gemaakt. En dus kunnen ze zelfs luxe gaan leven. Dat ziet Marjolein weliswaar in, maar het blijft een ongewoon gegeven, voor die tijd.
Er is een hulpje in de poppenhuishouding van Marjolein gekomen, voor het zware werk. En Rob, die zo'n beetje de rechterhand van de directeur is geworden, had een auto nodig dus die hebben ze nu ook. En dan is Els er nog. De getrouwde, maar nog steeds kinderloze vriendin van Marjolein, die haar veel werk uit handen neemt. We schrijven dus het begin van de jaren vijftig. Om nog even op mijn grootouders terug te komen: opa kreeg een goede baan, maar werd daarmee nog geen rechterhand van de directeur. Hij had al heel lang een rijbewijs, maar kocht zijn auto pas tegen de tijd dat ik geboren ben. En daarin was hij geen uitzondering. In de vijftiger jaren had nog bijna niemand een auto.
Marjolein wil ook leren rijden en pas na veel zeuren, geeft Rob toe. Rijscholen bestonden blijkbaar nog niet, want ze krijgt les van Rob zelf. En maakt daarbij zoveel fouten, dat het hopeloos lijkt. Dit verhaal is in de eerste persoon geschreven. Marjolein geeft zichzelf dus steeds op haar donder. Met als achterliggende gedachte: ze is een vrouw. Ze zal het nooit leren. Het is ook niks voor een vrouw. Die moet de huishouding doen. Weer even terug naar mijn referentie: mijn oma behaalde haar rijbewijs ook, ergens begin jaren zeventig. Zonder moeite. Bij een rijschool. En ze was heel huishoudelijk bovendien.
Maar dat soort werkelijkheden zijn niet mooi genoeg voor een verhaal. Daarom laat de schrijfster Rob vervolgens eerst een inhalige secretaresse krijgen, die Marjolein jaloers maakt. En dan is Rob zodanig overwerkt, dat hij hoognodig eens op vakantie moet, naar het zonnige zuiden. Op doktersadvies. Over de kosten wordt voor de vorm nog een beetje moeilijk gedaan. Ze gaan met hun eigen autootje kamperen. En voor de kindertjes zal Els zorgen.
De vakantie beslaat meer dan de helft van het boek. En het eindigt, via ouders en schoonmoeder, uiteindelijk weer in de Nutshell. Waar blijkt, dat het thuis toch het allerbeste is. Met de kindertjes, met een gezond-gebruinde Rob, met een zorgzame Els. En met een stralende secretaresse, die samen met de dokter op bezoek komt, om te vertellen, dat ze zich hebben verloofd. Jacqueline blijft in de buurt van Marjolein wonen en ze heeft nog veel te leren op het gebied van de huishouding. Want natuurlijk zal ze geen secretaresse van Rob blijven. Dat wordt niet met zo veel woorden gezegd. Maar zo was het natuurlijk wel. Het blijven ten slotte de jaren vijftig. Of er nog een derde deel is verschenen over Marjolein? Ik ben het nog niet tegengekomen. Want de meisjesboeken-met-Borrebach-illustraties worden schaars. Helaas.
14 juli 2015
ANWB '73
Het is de tweede editie van het ANWB handboek. De eerste editie, ANWB '72, was van mijn geboortejaar en dus nog leuker om te hebben. Maar de uitgave uit 1973 is net zo goed een mooi tijdsbeeld. Vergeeld, dun papier, met een enkele zwart wit foto. Het enige gekleurde zijn de afbeeldingen van de verkeersborden, op de keerzijde van het omslag. Hoe is het mogelijk, dat zulke boekwerken er nog zijn. Dat dit niet is weg gegooid. Ik kocht het afgelopen zaterdag op een kofferbakmarkt voor € 0,50.
Het is een echt handboek, volgens de regels van het bibliotheekvak. Er zit een inhoudsopgave in, een alfabetisch register op trefwoord, gevolgd door ANWB Officieel, waarin wordt omschreven waar de organisatie voor staat. Dan volgen de adressen van de kantoren. Zonder postcode, want die was er toen nog niet. Wel met telefoonnummers. Al wijken die dan in sommige gevallen af van wat nu gangbaar is. Het kengetal van Arnhem was al 085 (in 1995 vervangen door 026), dat van Eindhoven 040 en dat van Tilburg 013. Apeldoorn was 05760, in plaats van 055. Of het toen nog een stuk kleiner was dan nu? Breda had nog 01600 en Den Bosch had nog 04100. Waarom dat nog niet 076 en 073 was? De kengetallen zijn vast gefaseerd gewijzigd. Heel omslachtig, en daarmee ook heel Nederlands. Want waarom zou zoiets in één keer doen, zodat iedereen er tegelijk aan kan wennen?
Na de adresgegevens komt een overzicht van lidmaatschappen, inclusief aanvraagformulier. Een overzicht van ANWB tijdschriften, waarvan Kaartsysteem Verkeersrecht, omschreven als een op trefwoorden gebaseerd documentatiesysteem van de in het tijdschrift Verkeersrecht gepubliceerde artikelen en gerechtelijke uitspraken absoluut de mooiste is. Die definitie had zo in mijn dictaat Praktisch werken met handboeken en naslagwerken gekund, dat ik tussen 1991 en 1994 op de BDI straal van buiten moest leren in het kader van het vak Bronnen.
Er staat iets in over wegenwachthulp, de Hulpbrief en de Directe hulp bij verkeersongevallen. Zo gaat het nog een poosje door, tot halverwege het handboek. Dan volgen korte omschrijvingen van vakantielanden, die je met de auto kunt bezoeken. Alfabetisch geordend, van meest bezocht tot wat zeldzamer. Dus eerst van België tot Zweden, en daarna in het kort Oost-Europa, Azie en Noord-Afrika. Met van elk land de muntsoort, bijzonderheden over het weggennet, eetgelegenheden, hotels. Een soort samenvatting van de reisgidsen die ze ook van elk land afzonderlijk maakten.
Verder staan er nog een paar foto's in. Een vrolijke vader, die de koffers op het imperiaal van zijn nieuwe Fiat 127 zet. Ja, met dat autootje gingen man, vrouw en kinderen vroeger kilometers ver weg. Een afbeelding van een botsing tussen een Volkswagen Transporter en een Citroën Dyane. Er staat uiteraard ook een Volkswagen Kever in. Want die leek iedereen wel te hebben in het begin van de jaren zeventig. En mocht je autopech hebben, dan verscheen de ANWB zelf met een besteleend. Niet te geloven, eigenlijk.
Ik voel mezelf nog niet oud, maar als ik dit doorblader heb ik het gevoel dat ik nog uit de prehistorie stam. Wat is er veel veranderd in die ruim veertig jaar.
Het handboek zou nog tot 2001 blijven bestaan, aldus de catalogus van de Koninklijke Bibliotheek. Het is niet verder verschenen of onder een andere titel voortgezet. Waarschijnlijk had internet het handboek toen al ingehaald.
De kofferbakmarkt van Apeldoorn wordt elke zaterdag in juli en augustus gehouden, langs het Apeldoorns kanaal. Het is een goed-georganiseerde markt, met gratis entree, uitsluitend voor particulieren. Hier wordt streng op toegezien. Dat maakt 'm heel aangenaam om te bezoeken. Afgelast wordt de markt niet. Met heel warm weer is er gratis water en goede EHBO. En een buitje kan de markt ook prima hebben, omdat de route grotendeels onder bomen door gaat.
Het is een echt handboek, volgens de regels van het bibliotheekvak. Er zit een inhoudsopgave in, een alfabetisch register op trefwoord, gevolgd door ANWB Officieel, waarin wordt omschreven waar de organisatie voor staat. Dan volgen de adressen van de kantoren. Zonder postcode, want die was er toen nog niet. Wel met telefoonnummers. Al wijken die dan in sommige gevallen af van wat nu gangbaar is. Het kengetal van Arnhem was al 085 (in 1995 vervangen door 026), dat van Eindhoven 040 en dat van Tilburg 013. Apeldoorn was 05760, in plaats van 055. Of het toen nog een stuk kleiner was dan nu? Breda had nog 01600 en Den Bosch had nog 04100. Waarom dat nog niet 076 en 073 was? De kengetallen zijn vast gefaseerd gewijzigd. Heel omslachtig, en daarmee ook heel Nederlands. Want waarom zou zoiets in één keer doen, zodat iedereen er tegelijk aan kan wennen?
Na de adresgegevens komt een overzicht van lidmaatschappen, inclusief aanvraagformulier. Een overzicht van ANWB tijdschriften, waarvan Kaartsysteem Verkeersrecht, omschreven als een op trefwoorden gebaseerd documentatiesysteem van de in het tijdschrift Verkeersrecht gepubliceerde artikelen en gerechtelijke uitspraken absoluut de mooiste is. Die definitie had zo in mijn dictaat Praktisch werken met handboeken en naslagwerken gekund, dat ik tussen 1991 en 1994 op de BDI straal van buiten moest leren in het kader van het vak Bronnen.
Er staat iets in over wegenwachthulp, de Hulpbrief en de Directe hulp bij verkeersongevallen. Zo gaat het nog een poosje door, tot halverwege het handboek. Dan volgen korte omschrijvingen van vakantielanden, die je met de auto kunt bezoeken. Alfabetisch geordend, van meest bezocht tot wat zeldzamer. Dus eerst van België tot Zweden, en daarna in het kort Oost-Europa, Azie en Noord-Afrika. Met van elk land de muntsoort, bijzonderheden over het weggennet, eetgelegenheden, hotels. Een soort samenvatting van de reisgidsen die ze ook van elk land afzonderlijk maakten.
Verder staan er nog een paar foto's in. Een vrolijke vader, die de koffers op het imperiaal van zijn nieuwe Fiat 127 zet. Ja, met dat autootje gingen man, vrouw en kinderen vroeger kilometers ver weg. Een afbeelding van een botsing tussen een Volkswagen Transporter en een Citroën Dyane. Er staat uiteraard ook een Volkswagen Kever in. Want die leek iedereen wel te hebben in het begin van de jaren zeventig. En mocht je autopech hebben, dan verscheen de ANWB zelf met een besteleend. Niet te geloven, eigenlijk.
Ik voel mezelf nog niet oud, maar als ik dit doorblader heb ik het gevoel dat ik nog uit de prehistorie stam. Wat is er veel veranderd in die ruim veertig jaar.
Het handboek zou nog tot 2001 blijven bestaan, aldus de catalogus van de Koninklijke Bibliotheek. Het is niet verder verschenen of onder een andere titel voortgezet. Waarschijnlijk had internet het handboek toen al ingehaald.
De kofferbakmarkt van Apeldoorn wordt elke zaterdag in juli en augustus gehouden, langs het Apeldoorns kanaal. Het is een goed-georganiseerde markt, met gratis entree, uitsluitend voor particulieren. Hier wordt streng op toegezien. Dat maakt 'm heel aangenaam om te bezoeken. Afgelast wordt de markt niet. Met heel warm weer is er gratis water en goede EHBO. En een buitje kan de markt ook prima hebben, omdat de route grotendeels onder bomen door gaat.
Labels:
ANWB,
auto's,
autohandboek,
jaarboeken,
naslagwerk,
reisgidsen
Abonneren op:
Posts (Atom)

