Het is het eerste deel uit de serie 'Jaren der jeugd', uitgegeven onder leiding van prof. dr. Th. Rutten. Uit hoeveel delen het precies bestaat weet ik niet. Daar kan zelfs de catalogus van de Koninklijke Bibliotheek me geen antwoord op geven.
Met een beetje googlen ben ik er achter gekomen, dat er in ieder geval vier delen moeten zijn uitgegeven. Het vierde deel heet 'De jongen'. Dat heb ik niet in mijn bezit, wel het derde deel, 'Het meisje'. Ook het tweede deel, 'Het schoolkind', ontbreekt nog aan mijn verzameling. En of er nog meer delen zijn? Wie weet kom ik daar ooit nog wel eens achter, bijvoorbeeld door het te scoren op de zoveelste rommelmarkt. Dat is met dit 'Zuigeling en kleuter' ook gebeurd.
'Over de psychologie en de opvoeding van het kind vanaf de geboorte tot de schoolleeftijd', zo luidt de ondertitel. Uitgegeven in 1942, dus midden in de oorlog. Het mocht kennelijk van de Duitsers. De samensteller van dit deel is Dr. A. Chorus, 'psycholoog van het paedagogisch instituut te Nijmegen, privaat- docent der Nijmeegse Keizer-Karel universiteit'. Dus zo heette de Radboud voorheen Katholieke Universiteit van Nijmegen toen nog.
Het is een behoorlijk wetenschappelijk boek, dat destijds echt niet in elke boekenkast heeft gestaan. Er staat veel in over erfelijkheid, over kijken en begrijpen. Over de wereld van den kleuter en over braaf zijn en bidden: tucht en straf. Er zijn foto's op luxe glanspapier gebruikt om de tekst wat te verlevendigen. En er staan veel woorden in, die ik niet begrijp. Anthromorphorisering, bijvoorbeeld. De neiging om alles op te vatten als menselijk gebeuren. De pop die echt stout kan zijn, bijvoorbeeld.
Iets over het duimzuigen als natuurlijk ontwikkelingsverschijnsel en over de soorten van spelen. We onderscheiden functie spelen, fictie en receptieve spelen en constructie spelen. Over het stadium der benoeming bij het het tekenen. Over de vraag welke betekenis het O.L. Heertje voor den kleuter heeft.
Het gebruik van naamvallen maakt het soms lastig lezen. Bovendien is het een katholieke uitgave, dat merk je aan alles. Waarschijnlijk is dit boek en daarmee de hele reeks meer bedoeld geweest voor pedagogen - dat ze dus toen nog als paedagogen schreven - dan voor ouders. Maar ach, zo'n zestig jaar na dato is het zelfs voor een kinderloze blogster leuk om bij haar verzameling in de kast te zetten.
Zoek je iets?
Arja Peters (ps. van Chinny van Erven)
De Wildhof (serie)
De klas van Tina (serie)
Fietsclub 'Krap bij Kas' (serie)
Freddy Hagers (ps. van G. Betlem)
Goud-Elsje (serie)
Hans Borrebach (auteur)
Hans Borrebach (ill.)
Helen Taselaar
Herry Behrens (ill.)
Herson (is ps. van Herry Behrens; ill.)
Ik kan serie
Inge Neeleman (is pseud. van Helen Taselaar)
Jeugdhotel De Witte Hengst (serie)
Kluitman Jeugdserie
Manege Picadero (serie)
Max de Lange-Praamsma
Mien van 't Sant
Netty Koen-Conrad
Prisma boeken (serie)
Rie Reinderhoff (ill.)
Sanne van Havelte
Sneeuwbalserie
Uitgeverij De Eekhoorn
Uitgeverij West-Friesland
Witte Raven Jeugdpockets
Zonne-reeks
Zonnebloem serie
correspondentie
huishoudboeken
meisjesroman
uitgeverij Elsevier
uitgeverij Van Holkema en Warendorf
woninginrichting
Over mij
- Marieke
- Omdat oude boeken nog steeds leuk zijn om te lezen, maar omdat er meer is om over te schrijven. Sinds kort dus naast boeken ook oude spullen met een verhaal.
22 januari 2011
09 januari 2011
Als reisleidster op pad!

Dit boek verscheen in 1984 onder de titel: Ankie als reisleidster. Een paar jaar later werd het herdrukt onder de titel: Als reisleidster op pad!
Waarschijnlijk moest die tweede titel meer aanspreken en dus leiden tot betere verkoop van het overigens best wel leuke verhaal. Ankie van Loon heeft haar havo diploma behaald en weet nog niet wat ze moet gaan doen. In verder leren heeft ze geen zin. Maar baantjes met alleen een havo diploma zijn ook niet gemakkelijk te krijgen.
Via een relatie van haar vader krijgt Ankie de tip om te solliciteren naar een baantje op het reisbureau als administratieve kracht. Het is maar voor de zomermaanden en hoewel Ankie het al helemaal ziet zitten, is het nog niet gezegd dat ze de baan ook echt krijgt. Anouk van Arnhem is wat realistischer in het vertellen dan haar voorgangsters twintig jaar eerder. Daar kregen de hoofdpersonen vanzelfsprekend de baan.
Ankie krijgt de baan ook, maar alleen voor de beloofde zomermaanden. Wel krijgt ze de kans om in te vallen als reisleidster voor een groep Amerikanen naar Madurodam. Haar vriend Pim vindt het helemaal niet leuk, dat ze zo veel werkt in de zomer en dat ze elkaar zo weinig zien. Ankie gaat zelfs nog veel meer excursies begeleiden. Luuk, de chauffeur van de Madurodam trip vindt haar een goede kracht en tipt haar baas, wanneer reisleidster Anneke door een gebroken been lang uit de roulatie zal blijven.
Er gebeurt van alles, op de reizen die Ankie meemaakt. Overboekte hotels, ruziënde echtparen, een defecte bus in het donker en een vrouw die op het punt van te vroeg bevallen staat. Ze weet het allemaal goed op te lossen. Tussen Pim en haar botert het steeds minder goed en uiteindelijk zet ze zelf een punt achter hun relatie. Haar baan zit er op. Geen reisjes meer met Luuk, de aardige buschauffeur, geen verkering meer met Pim en geen werk meer op het gezellige reisbureau. Wat zal ze alles missen.
Niet helemaal alles. Want de directeur van het reisbureau biedt haar een baan aan. Met een proeftijd en op voorwaarde dat ze een cursus tot reisleidster volgt. Leuke, unieke kans maar wel nog steeds heel realistisch beschreven. Het gaat allemaal niet vanzelf. En Luuk? Die vindt haar wel aardig, maar tot een relatie komt het nog niet. En ook dat is veel meer naar de werkelijkheid dan de meisjesromans van vroeger.
02 januari 2011
Loes geeft het stuur over
Jaren later nam uitgeverij Kluitman het verhaal over en gaf het uit in de Romanserie pockets. Hans Borrebach vernieuwde het omslag en ook de tekst, ditmaal op het achterflap is danig gemoderniseerd. Loes is niet jolig meer, maar leuk. Ze werkt nu ergens op een kantoor. Voor de man in het verhaal is wat meer tekst gereserveerd. Het is een jongeman die meer oog blijkt te hebben voor zijn charmante lerares dan voor de weggebruikers en zijn wagen!En dat Loes ondanks alles niet boos kan zijn op haar zo onhandige leerling, is voor ons een aanwijzing, in welke richting dit gezellige boek wel gaat, dat blijkt trouwens al duidelijk uit de titel!
Een kantoorjuffrouw annex rij instructrice dus. Met een strenge vader en een zorgzame moeder. Twee oudere broers, een jongere zus. Zusje Annelies is een moeilijk opvoedbaar kind, zoals Monique Terborg uit de Ineke en Anneke serie. Broer Niek geeft de rijlessen en is een blonde charmeur die het leven niet zo nauw neemt. Oudste broer Herman is melancholisch en een tweede vader.
Loes heeft inderdaad een vriendin, Tineke. Ze studeert piano en dweept met een pianist, André Marius. Wanneer ze achter zijn ware aard komt, ziet ze al gauw in, dat dat niets met liefde te maken heeft. Loes heeft al gauw door, wat er speelt. En ze krijgt gelijk. Herman verlooft zich met Tineke. Er speelt meer, dat Loes allemaal vanaf een afstandje eerder in de gaten krijgt dan de anderen. In het laatste hoofdstuk moet het allemaal opgelost worden.
Vriendi
16 december 2010
Als je ogen open gaan
Geen illustraties, maar een band- en omslagverzorging. En wel door Han Prins. Geen uitgeverij Callenbach meer, maar Kok, in Kampen. Het speelt zich dan ook niet meer af in de jaren dertig en veertig, maar al in de jaren zestig van de vorige eeuw.
De Rolling Stones komen voorbij. Nozems en hippies. Er is een getrouwde man, die er met een getrouwde vrouw vandoor gaat. Goed, de figuren in hun boek hebben er zo hun mening over, maar Max de Lange gaat in 'Als je ogen open gaan' niet langer aan de moderne tijd voorbij.
Het is het vervolg op 'Joos van Heek vliegt uit'. Het verhaal gaat verder met de volgende ochtend. Daar, waar Joos gisteren nog zo gelukkig was, in de wetenschap dat ze van Frans van Popta hield, is ze nu alleen nog maar verdrietig. Want hij is geen weduwnaar, maar getrouwd, met een krankzinnige vrouw.
Het vertelperspectief wisselt nog al eens, maar dat stoort niet. De hoofdrol is veel voor Joos, maar ook voor haar werkgeefster Maret Royer. Voor Frans van Popta en voor haar vriendin op het dorp, Bauk BesteBreurtje. Verder komen er alleen maar bekende namen voor. Joos' vader, die een ongeluk krijgt. Haar oppervlakkige moeder en dito zusje Ineke.
Joos moet thuiskomen, om bij haar vader in de zaak te komen helpen. Nog altijd is ze niet gecharmeerd maar wel bevriend met Douwe. Ze toont aan niemand, dat ze verdriet heeft om Frans. Ze sluit zelfs vriendschap met hem. Maar wanneer hij haar vraagt, als inwonende oppas voor zijn beide dochters, zegt ze nee. Niet uit zelfbescherming, maar omdat ze de verantwoordelijkheid niet aan kan.
Als vader genezen is, mag ze als dank mee op een groepsreis naar Noorwegen. En daar ontmoet ze Arjen Schotanus. Hij is de broer van Bauk. Ze blijken elkaar nog te kennen, van de doop van Bauk's jongste dochtertje. Het komt een beetje plotseling over. Zo maar een nieuwe man in de verder zo vertrouwde omgeving, met enkel bekende namen.
En terwijl dat van Frans nog niet eens zo lang geleden is, zet ze nu 'haar hart open' voor deze jonge ingenieur, die veel beter bij haar past. Hij moet eerst nog in dienst en zij gaat een opleiding volgen in de zwakzinnigenzorg. Ze hoeft niet meer terug naar de familie Royer en ook niet naar de winkel van haar vader. Wat kan het leven mooi zijn. Met God aan boord, uiteraard.
De Rolling Stones komen voorbij. Nozems en hippies. Er is een getrouwde man, die er met een getrouwde vrouw vandoor gaat. Goed, de figuren in hun boek hebben er zo hun mening over, maar Max de Lange gaat in 'Als je ogen open gaan' niet langer aan de moderne tijd voorbij.
Het is het vervolg op 'Joos van Heek vliegt uit'. Het verhaal gaat verder met de volgende ochtend. Daar, waar Joos gisteren nog zo gelukkig was, in de wetenschap dat ze van Frans van Popta hield, is ze nu alleen nog maar verdrietig. Want hij is geen weduwnaar, maar getrouwd, met een krankzinnige vrouw.
Het vertelperspectief wisselt nog al eens, maar dat stoort niet. De hoofdrol is veel voor Joos, maar ook voor haar werkgeefster Maret Royer. Voor Frans van Popta en voor haar vriendin op het dorp, Bauk BesteBreurtje. Verder komen er alleen maar bekende namen voor. Joos' vader, die een ongeluk krijgt. Haar oppervlakkige moeder en dito zusje Ineke.
Joos moet thuiskomen, om bij haar vader in de zaak te komen helpen. Nog altijd is ze niet gecharmeerd maar wel bevriend met Douwe. Ze toont aan niemand, dat ze verdriet heeft om Frans. Ze sluit zelfs vriendschap met hem. Maar wanneer hij haar vraagt, als inwonende oppas voor zijn beide dochters, zegt ze nee. Niet uit zelfbescherming, maar omdat ze de verantwoordelijkheid niet aan kan.
Als vader genezen is, mag ze als dank mee op een groepsreis naar Noorwegen. En daar ontmoet ze Arjen Schotanus. Hij is de broer van Bauk. Ze blijken elkaar nog te kennen, van de doop van Bauk's jongste dochtertje. Het komt een beetje plotseling over. Zo maar een nieuwe man in de verder zo vertrouwde omgeving, met enkel bekende namen.
En terwijl dat van Frans nog niet eens zo lang geleden is, zet ze nu 'haar hart open' voor deze jonge ingenieur, die veel beter bij haar past. Hij moet eerst nog in dienst en zij gaat een opleiding volgen in de zwakzinnigenzorg. Ze hoeft niet meer terug naar de familie Royer en ook niet naar de winkel van haar vader. Wat kan het leven mooi zijn. Met God aan boord, uiteraard.
04 december 2010
Vuistregels voor het veilig fotograferen

Niet alleen hij of zij die pas met fotograferen begint, maar ook de gevorderde amateur heeft zo af en toe behoefte aan een ruggesteuntje. De fotopocket "Vuistregels voor het veilig fotograferen"is dan ook bedoeld om ieder die voor zijn plezier fotografeert de soms hoognodige ruggesteun te geven. In dit boekje zijn een groot aantal vuistregels verzameld met een verduidelijkende, bindende tekst. Het is alles bij elkaar een gecomprimeerde, doch complete handleiding geworden die heel het terrein van de fotografie bestrijkt. Een waardevol naslagwerkje, waarin een schat van belangrijke gegevens werd verwerkt en waaraan u veel zult hebben.
Kopen dus, dat onmisbare boekje van schrijver - auteur - fotograaf - illustrator Hans Borrebach. Een pocket van 102 pagina's, compleet met index op alfabetische volgorde. Met foto's en schema's van de auteur. Hoofdstukken over De moeilijke formaatkeus, Wat we van onze camera mogen verlangen, Meten en weten. Over hoe Het hoogste uit camera en film te halen en Van flitslamp tot flitsbuis. Aan de hoofstuktitels heeft het niet gelegen. Die sporen aan tot lezen en kopen. Originele omslag ook.
Elke vuistregel heeft een icoontje en valt daardoor snel op, tussen de tekst.
In de fotografie heeft een goede koop meer met verstandelijk overleg dan met aanschafprijs te maken, is zo'n vuistregel. Waarna er nader wordt ingegaan op persoonlijke eisen en voor- en nadelen van verschillende formaten. Vervolgens een duidelijke tabel met verschillende kenmerken en eigenschappen.
Fotograferen wordt niet alleen duur door het nodeloos verprutsen van filmmateriaal maar vooral door een verkeerde formaat- of camerakeuze, is er ook een. Waarna dieper wordt ingegaan op lenstypen en brandpunten, gevolgd door een duidelijke tabel.
Wie een foto-onderwerp van voor tot achter scherp wil krijgen, stelt in op 1/3 tussen voor- en achtergrond.
Terwijl een zwart-wit foto pas uitdrukkingsvol wordt bij de gratie van contrasten, is dit bij kleur niet het geval. Daarbij streeft men in tegendeel tot verzachting van de contrasten.
Een goede soft-focus filter geeft weektekening zonder de eigenlijke scherpte aan te tasten. Overdrijf nooit. Vooral niet in de keus van het corrigerend kleurfilter.
Zo stuit je, al bladerend, op vuistregel na vuistregel. Je leest ze ongemerkt allemaal. En vervolgens ben je nieuwsgierig naar de uitleg. Dus je leest verder. Ten slotte heb je het hele boekje uit. Slim bedacht, slim geschreven. Of Borrebach dit zelf bedacht heeft? Het schrijven zal hem niet veel moeite gekost hebben. Hij schreef immers fotoboeken aan de lopende band. Veel van zijn andere boeken waren omvangrijker en voorzien van foto's. Daarom waren al die andere boeken zo veel duurder, dan dit zwart wit exemplaar op grauw papier. Het is vast heel goed verkocht. Want voor iedereen betaalbaar.
27 november 2010
Claudia pakt haar kans

Ze schreef al een heleboel delen over Manege Picadero en De Wildhof. Onder schuilnaam begon ze ook aan een serie over Peggy's Paardenpension. Als vierde poging, weer onder haar eigen naam: Jeugdhotel De Witte Hengst. Het eerste deel, Claudia pakt haar kans, gaat over Claudia van der Meer. Ze heeft een baan als receptioniste in een hotel. Maar daar is niet veel te beleven. Dus solliciteert ze als assistente van manager David Freling in het jeugdhotel.
Ze is niet de enige, maar wel de meest geschikte, zo blijkt. Claudia krijgt de kans. David Freling is een hardwerkende en arrogante persoonlijkheid. Meisjes worden of verliefd op hem of nemen de benen, zodra ze de kans krijgen. Claudia niet. Natuurlijk is ook zij in stilte verliefd op hem. Maar dat laat ze niet merken. David ziet haar ook wel zitten. En natuurlijk krijgen ze elkaar. Maar pas na de nodige misverstanden. En uiteraard pas nadat er een rijke, verwende jongedame, die haar zinnen op David heeft gezet, op hangende pootjes is vertrokken.
Er is een grote, lieve hond, die Beer heet. Claudia's moeder is weduwe, Davids vader weduwnaar en tussen de beide schoonouders klikt het bijzonder goed. De vader van David heeft veel geld, een groot huis. Want hij is een succesvol zakenman. Er zijn wat problemen met bezoekers van het hotel en ruzietjes met medewerkers. Maar alles komt uiteindelijk goed. Voor iedereen.
Claudia pakt haar kans heeft verhaalelementen uit Vliegreis naar het geluk en uit Een vakantiebaan voor Paula. Uit De wildste van De Wildhof en uit Het komt goed, Ellen. Eigenlijk heeft het elementen uit alles van Helen Taselaar.
Een baan voor het leven, met een knappe man, die niet zo makkelijk te veroveren blijkt. Zoon van een vader met een goedlopende zaak. Een jongedame in de hoofdrol die weet wat ze wil, geen flirt is en daarom juist de aandacht trekt. En dat alles vermengd met, bij voorkeur, paarden. Zo bedacht, zo geschreven en goed verkocht. Met illustraties van Herry Behrens.
24 november 2010
Een lente vol liefde

Juist in de lente als de bollenvelden hun prachtige kleuren ten toon spreiden, breekt zoals later blijkt voor de knappe Maaike Vermeulen door een onverwacht bericht van Silvia een nieuwe periode in haar leven aan.
Aldus de eerste zin van de achterflaptekst. Een deeltje uit de Kluitman sneeuwbalserie. Deze serie bestond al in de jaren zestig. Anno jaren tachtig nog steeds, met de toevoeging: liefde, romantiek en geluk van deze tijd.
Het verhaal is in zo verre van deze tijd, dat Maaike een fulltime baan heeft. En dat ze met vriendin Silvia op vakantie zou gaan naar Spanje. Silvia annuleert de reis pas een paar dagen van tevoren, met de mededeling dat ze liever met haar vriend op vakantie gaat. Een man die ze nog niet zo lang kent. Einde vriendschap.
Maar wat doet Maaike zelf? Nog diezelfde dag accepteert ze het aanbod van haar chef, Sjoerd Teewisse, om met hem op vakantie naar Engeland te gaan. Ze is al maanden verliefd op hem, maar weet haar gevoelens perfect te verbergen. Te perfect. Ze presteert het zelfs om in zijn aanwezigheid niet te blozen. En Sjoerd zelf? Waarom neemt hij Maaike mee?
Hij heeft ' reeds een mislukte relatie achter de rug', aldus de achterflaptekst. En ' ziet hierdoor Maaike, die overigens zijn sympathie wel heeft, niet staan....'
Vooral dat tussenzinnetje, dat die overigens zijn sympathie wel heeft, moet je als lezer letterlijk nemen. Want binnen een dag Engeland verklaart hij haar zijn liefde. En gaan ze ook maar meteen met elkaar naar bed. Maaike is in een klap niet meer onzeker over haar figuur en vergeet ook prompt die man die haar tot sex dwong, toen ze achttien was.
Sjoerd heeft meteen geen rancune over het huwelijk meer. Hoe modern zijn we nog? Sjoerd kan koken, maar Maaike vindt het huishouden veel leuker. Ze zou er haar baan wel voor op willen geven. Er komt een huis uit de lucht gevallen, waar ze samen in kunnen gaan wonen. Want die flat, die is toch nog van hem en zijn ex. Dus vol nare herinneringen.
Er gebeurt ook nog iets vervelends met een buurtbewoner. Dat doet Sjoerd ogenblikkelijk besluiten tot trouwen. 'Ik ben niet eerlijk tegen je geweest. Wij zijn man en vrouw'. En dan? Ze zijn nog maar net terug van de ondertrouw in het gemeentehuis en Maaike biecht op, 'de pil een paar keer vergeten te zijn in te nemen'. Ze kan dus zwanger zijn. Sjoerd wordt niet boos. Ze heeft hem niet gemanipuleerd en niet voor het blok gezet. Nee hoor. Hij moet er zelfs om huilen. Van geluk. Dat hij het nu pas weet, nu ze getrouwd zijn. En niet, voor ze getrouwd waren.Nu komt alles toch weer goed. Want hij trouwt om haar liefde, niet om haar kind.
Voor vijftig cent op de rommelmarkt gekocht, voorzien van een lelijke omslag van Addy Kubbinga en na het lezen voer voor het oud papier. Dit soort verhalen kunnen gewoon niet.
Abonneren op:
Posts (Atom)